Van Toen tot Nu: De Catfancy:
-Van TOEN tot NU - 2
-Van TOEN tot NU - 3
-Van TOEN tot NU - 4
-Van TOEN tot NU - 5
-Van TOEN tot NU - 6
-Van TOEN tot NU - 7
-Van TOEN tot NU - 8
-Van TOEN tot NU - 9
De geschiedenis van de Cat Fancy, in een Notendop
De oorsprong van de Cat Fancy ligt in Engeland, waar aan het einde
van de 19e eeuw de eerste Katten Tentoonstellingen plaats vonden.
Gewoon ‘onderonsjes’ bij de kattenliefhebbers thuis.
Wat dat ‘thuis’ betreft moet er echter wel rekening mee houden
worden dat het ging om de huizen van de hogere standen.
Als eerste “officiële” tentoonstelling werd geboekstaafd de
Katten-Tentoon-stelling in het Crystal Palace te Londen op Donderdag
13 juli 1871.
Deze show werd georganiseerd door Harrison Weir, een natuur-tekenaar
/ schilder. Hij stelde ook de eerste standaarden op voor de toen
‘bestaande’ katten, bij de Langharen waren dat: Wit, Zwart, Grijs,
Rood en elke overige kleur en Bruin, Blauw, Zilver en Lichtgrijs met
Wit voor de Tabby katten.
Op een foto in het boekje Katten (Sesam Natuurhandboeken-1993) kunt
U zien dat het er in die tijd wel enigszins anders toe ging dan
heden ten dage. Er waren toen al honden-shows gehouden en ook de
katten werden, in navolging van de Honden-Show’s, keurig netjes aan
een kettinkje geshowd.
In een boekje van Frances Simpson(1 anno 1928, staan vele foto’s van
Kampioenen, de meesten liggen op fraaie kussens en hebben een
loop-kettinkje om de nek. Op die eerste show waren er klassen voor
Zwarte, Witte, Gestreepte en Anderskleurige Langharen, maar ze
werden in aantal verre overtroffen door de kortharige katten. Wat
oogkleur betreft werd men volkomen met rust gelaten, alle oogkleuren
werden geaccepteerd. Later kwamen er speciale standaards voor alle
kleuren en rassen, toen moesten bijvoorbeeld zwarte katten Oranje of
amber-kleurige ogen hebben om niet in ongenade te vallen bij de
keurmeesters en wat nog erger was de kritiek uit de Cat-Fancy.
Binnen een paar jaar steeg het aantal langharigen en al heel spoedig
waren er op show’s meer lang- dan kort-harigen te zien. De
toenemende belangstelling voor langharige katten had als reden onder
meer het feit dat Koningin Victoria twee Blauwe Perzen had en dat
‘ras’ koninklijke bescherming gaf. Zij ging bovendien met de Prins
van Wales (de latere Koning Edward II), kattententoonstellingen
bezoeken. Edward reikte zelfs eens eigenhandig een, door hem
uitgeloofde, speciale prijs voor Perzen uit. De raskat kwam toen in
de belangstelling van de ‘hogere standen’ in Engeland. Aanvankelijk
was het fokken van raskatten voorbehouden aan de zeer gegoeden, die
soms zo’n vijftig katten bezaten en de tentoonstellingen afreisden
met een stoet bedienden. Dat Raskatten een ‘hobby’ van betere
standen was is m.i. ook wel te zien aan de dag waarop die eerste
tentoonstelling gehouden werd n.l. op Donderdag 13 juli 1871.
Zegt U nu niet, “dat zal dan wel Hemelvaartsdag geweest zijn”, want
dat is niet zo, Hemelvaartsdag was in 1871 op 18 mei.
De eerste vereniging van Katten Liefhebbers
“The National Cat Club” [ 4 ] werd in 1887
opgericht en Harrison Weir was
‘s Werelds Eerste Kattenclub Voorzitter.Zo’n twee jaar later, in 1889,
publiceert Harrison Weir zijn boek
“Our Cats”
met daarin de standaarden voor:
-The Tortoiseshell
-The Tortoiseshell and white
-White, Shorthair
-Self-Colour, black, blue, gray or red short-hair
-Brown and Ordinary tabby, striped, short-hair
-Chocolate, chestnut, red, or yellow tabby, striped, short-hair
-Blue, silver, light gray, and white tabby, striped, short-hair.
-Short-haired, spotted tabbies of any colour
-Black and white, gray-white, red and white, and other colours and
white
-White and black, white and gray, white and red, white and any other
colour
-Abyssinian
-Royal cat of Siam
-Manx or short-tailed cat
-White long haired cat
-Black, blue, gray, red or any self colour long-haired cats
-Brown, blue, silver, light gray, and white tabby long-haired cats
Er is in de loop der tijden wel het een en ander veranderd aan deze
standaarden, maar vele zaken vinden we toch nog terug in de huidige
standaarden.
Helaas ontstonden er - net als nu bij ons zo vaak gebeurt -
onenigheden in “The National Cat Club”, die hebben geleid tot de
oprichting van de “The Cat Club” in 1898 door o.a. Lady Marcus
Beresford, “De vrouw die zoveel goed werk voor de katten wereld
heeft gedaan. De perfect geleide jaarlijkse shows in de St. Stephens
Hall, Westminster getuigen van de onvermoeide inspanningen en
overvloedige milddadigheid van de oprichtster. De shows werden
gehouden als hulp aan verschillende verdienstelijke
liefdadigheidsinstellingen.”
Deze vereniging werd in 1904 opgeheven.” Lady Marcus Beresford was
een dusdanige bekendheid in de katten wereld rond de eeuwwisseling
dat de 2e in Amerika opgerichte katten vereniging “The Beresford Cat
Club” genoemd werd.(Opgericht 1899 door Mrs. Clinton Locke in
Chicago) De eerste Amerikaanse club was “The Chicago Cat Club”.
Zo schrijft Frances Simpson(1
Bij die ene nieuwe vereniging, “The Cat Club” bleef het echter niet,
aan het begin van de 20e eeuw kwamen er nog een aantal Algemene- en
Ras-Clubs bij:
The Northern Counties Cat Club (1900) [ 1 ]
The Silver and Smoke Persian Cat Society (1900) [ 1 ]
The Blue Persian Cat Society (1901) [ 2 ]
The Siamese Club (1900) [ 4 ]
The Orange, Cream, Fawn and Tortoiseshell Society (1900) [ 1 ]
The Black and White Club for long and shorthaired cats [ 1 ]
The Short-haired Cat Club (1901) [ 1 ]
The Southern Counties Cat Club (1904) [ 2 ]
The Newbury Cat Club [ 1 ]
The Midlands Counties Cat Club (1901) [ 2 ]
The Neuter Cat Society (1910) (2
Al die clubs maakten hun eigen Standard of Points, o.a. voor:
Blue Persians / Silver or Chinchillas / Silver Tabbies / Smokes /
Cream or Fawn / Orange, Self or Tabby / Tortoiseshell / Brown Tabby
/ Royal Cat of Siam / Short-Haired Cats, allemaal met een maximum
aantal van 100 punten.
Voor de Chinchilla waren die 100 punten kennelijk niet voldoende en
zo kwam er een Standard of points, met 125 punten.
Al met al werden er in de eerste jaren van deze eeuw, naast “The
National Cat Club” en “The Cat Club” nog zo’n 10 andere clubs
opgericht in Great Brittain, allemaal clubs met hun eigen regeltjes,
fokplannen, wijze van stamboekvoeren enz. De belangrijkste club was
The National Cat Club en het bestuur besloot dat de enige manier om
de gerezen problemen m.b.t. registratie etc. en de naijver tussen de
clubs op te lossen was om te gaan praten met de besturen van de
andere, belangrijkste, clubs. Dit leidde uiteindelijk tot de
oprichting in 1910 van “The Governing Council of the Cat Fancy” met
als doelen:
-Het voeren van de verschillende registers
-Het geven van vergunningen en het controleren van tentoonstellingen
-Het ‘bewaken’ van het welzijn van Raskatten
-Het toezien op het naleven van de gestelde regels.
De oprichtende clubs verkregen voor eeuwig een aantal
afgevaardigden. De aantallen zoals vermeld tussen [ ] in het lijstje
met clubs.
in The Governing Council. De GCCF bestaat en functioneert nog steeds
en telt nu - 1999 - 138 algemene verenigingen en rasclubs tot haar
leden.
In de begin jaren van de GCCF werden er jaarlijks een paar honderd
katten geregistreerd, nu registreert de GCCF zo’n 33.000 stambomen
per jaar.
Ook op het ‘vasteland’ van Europa ontstonden verenigingen van katten
liefhebbers. Zo werd in Antwerpen (België) de vereniging “Vrienden
der Kat” opgericht (1917). Een vereniging die nu, ruim 80 jaar
later, nog steeds bestaat, maar een veel minder belangrijke plaats
in België inneemt dan in de begin jaren, toen er met de VdK
verbonden groepen ontstonden in andere Belgische steden.
In 1927 werd de Féderation Féline Belge opgericht om al deze groepen
samen te bundelen.
De F.F.B.(* was een stuwende kracht om te komen tot samenwerking
tussen de verenigingen die alom in Europa waren ontstaan. Die
samenwerking leidde er toe dat er in 1933, 8 januari, op een show in
Reims een zogenaamde ‘Entente Internationale’ ondertekend werd, met
als doel te komen tot een overeenkomst inzake reglementen,
standaarden en shows enz.
De bedoeling was goed, maar ook toen door onenigheid splitste zich
in Frankrijk een groepering af en de “Entente Internationale” ging
ten onder.(3
(*Één van de 18 Belgische Verenigingen en Clubjes heet nog steeds
F.F.B., maar ‘t is de vraag of iemand nog weet dat het slechts een
‘overblijfsel’ is van een ruim 70 jaar geleden opgerichte féderatie.
1934 (28 januari) werd de eerste Nederlandse kattenvereniging, de:
‘Nederlandse Vereniging van Fokkers en Liefhebbers van Katten,
FELIKAT’ opgericht. Een volkomen onafhankelijke vereniging, want de
FIFE bestond toen nog niet.
1937 Oprichting van de “Confédération Internationale Féline” (CIF)
tussen Franse, Italiaanse en Zwitserse clubs. Een lofwaardige poging
tot samenwerking, die helaas geen lang leven beschoren was, want
kort daarna brak de 2e Wereldoorlog uit. (3
Bronnen:
(1 “Cats for Pleasure and Profit”, door Frances Simpson - 1928
(2 “The breeding and the management of the Siamese cat” door Mrs
K.R. Williams - 1950.
(3 “Felina Comedia”, door M.A. Knubben Winter in KSK - 1996 / 1998
(div “Katten” - Uitg. Spectrum, “Katten” - Uitg. Bosch en Keuning,
Elseviers Kattengids,
“Cats” - Grace Pond & Angela Sayer, Bi-Lexikon Rasse-Katzen -
Claudia Müller-Girard, Leipzig
“Katten” - David Alderton.
Van TOEN tot NU - 2
De geschiedenis van de Cat Fancy, in een Notendop, 1945 -1980.
1939-1945 Alle Europese kattenrassen hebben te lijden gehad onder de
Tweede Wereldoorlog, maar misschien de British Shorthair wel het
meest van allemaal. In de periode onmiddellijk na de oorlog waren er
nog maar erg weinig dekkaters over, en het gevolg was dat sommige
fokkers hun katten gingen kruisen met kortharige katten van een
lichter type. Hierdoor ging de zware lichaamsbouw verloren. In de
jaren vijftig werd geprobeerd hier wat aan te doen door buiten het
ras te kruisen met zwaargebouwde blauwe Perzen. Hierdoor werden veel
van de eigenschappen van het ras hersteld, maar aan de andere kant
ontstond er een neiging tot een langere, zachtere vacht (niet als
gevolg van het recessieve gen voor lang haar, maar door de polygenen
voor een volle, weelderige vacht die werd nagestreefd door de
fokkers van Perzen) en een meer Perzische kop. In de showstandaard
voor Brits Korthaar staat expliciet dat de kat geen stop mag hebben,
en dat is moeilijk te realiseren met Perzische voorouders, hoewel de
Europese Perzen in het verleden niet zo’n korte neus hadden als de
Noord-Amerikaanse.
Er bestaan nu verschillende typen, die hun eigen aanhang hebben
onder fokkers en keurmeesters. Er is het klassieke type met de wat
langere neus en kleinere ogen en het moderne, met de grote ronde
ogen, iets kortere neus en de iets kleinere oren.
1949 In Frankrijk werd de “Fédération Internationale Féline
Européen” (FIFE) opgericht.
Vanaf het begin wordt gekozen voor één club of één federatie per
land. In Nederland trad “Félikat” (1934) toe tot de FIFE.
Clubs die zich niet aansloten werden ‘verstoten’, zoals o.a. de
‘Vrienden der Kat’ in België.
De FIFE heeft nog heel lang, tot dec. 1975, gebruik gemaakt van de
GCCF standaards en was in die zin een ‘volger’ van de GCCF.
Ook in Nederland waren fokkers het niet altijd eens met de soms
nogal starre opvattingen van Felikat, wat er toe geleid heeft dat
men òf ophield met het fokken van katten, òf zich samenbundelde en
een eigen vereniging oprichtte. Zo’n ‘nieuwe’ vereniging kon geen
lid worden van de FIFE en werden door de FIFE “dissidenten”
(afgescheidenen) genoemd.
Deze dissidenten vatten we nu samen als Onafhankelijken. In de loop
der jaren zijn er nogal wat onafhankelijke verenigingen ontstaan,
enerzijds verenigingen van fokkers die zich hebben afgescheiden van
een FIFE vereniging, anderzijds, fokkers die zich van een
Onafhankelijke vereniging hebben afgescheiden.
1962 (17 november) Als afsplitsing van FELIKAT ontstond in Nederland
de eerste zgn. Onafhankelijke vereniging, de Nederlandse Vereniging
van Katten Vrienden, N.V.v.K.
De meningen over de reden van deze afsplitsing zijn nogal verdeeld:
1) het verschil in inzicht met betrekking tot het veterinaire beleid
in verband met een groot aantal leukemie gevallen bij een bepaald,
korthaar, ras. Vooral de Perzen-fokkers vonden dat ZIJ daar niets
mee te maken hadden.
2) het starre fokbeleid van Felikat, men wilde met name bij Perzen
meer kleurexperimenten doen.
Als afsplitsingen van Felikat en/of de NVvK ontstonden in de loop
der volgende jaren::
1967 (7 april) Nederlandse Katten Fokkers Vereniging NKFV. Voor een
aantal mensen lag bij de “Vrienden” de nadruk te zeer op vrienden,
waardoor zij zich als fokkers te veel beperkt voelden in hun
activiteiten.
1968 (30 juni) Oprichting van de Sociëteit van Kattenliefhebbers
NEOCAT.
De Korthaar Club van Felikat wilde een eigen blad gaan uitgeven,
maar kreeg daarover "onenigheid" met het bestuur van Felikat. De
bestuursleden van de korthaarclub werden geroyeerd en richtten
Neocat op, met de bedoeling toe te treden tot de FIFE. Een aantal
mensen toog naar Brussel voor de FIFE-Vergadering waarop de aanvraag
behandeld zou worden, maar zij zaten er voor gek, de FIFE voorzitter
had het agenda punt geschrapt.
1968 (1 juli) Ned. Vereniging van Kattenliefhebbers PROKAT werd
opgericht. Deze vereniging heeft een tijdlang een ‘afdelingen’
structuur gehad, wat waarschijnlijk niet al te best werkte want in
1977 splitste het ‘zuiden’ zich af en richtte Hobbykat op.
1968 Oprichting van de Vereniging Raad van Beheer op Felologisch
Gebied in Nederland.
Deze Raad van Beheer voerde het Nederlands Katten Stamboek (NKSB)
voor de onafhankelijke verenigingen. Door "onenigheid" viel de ene
vereniging na de andere af en ging ieder voor zich een eigen
stamboek voeren.
PROKAT, was tot 1995 de enige onafhankelijke vereniging die nog
deelnemer aan de Raad van Beheer was en NKSB-stambomen verstrekte
aan haar leden. Op 31 januari 1995 werd deze vereniging door de
WCF-Nederland omgezet in een stichting, deze stichting bestaat nog
steeds, alhoewel de statutaire basis, n.l. de invloed van de
stichting WCF-Nederland op het stichtings-bestuur ontbreekt,
bovendien is de bij de Kamer van Koophandel als Voorzitter
geregistreerd staande Mevrouw een aantal jaren geleden overleden.
N.B. Voor de goede orde: de Naam FELOLOGISCH Gebied is wel aardig
bedacht, maar in tegenstelling tot Kynologisch, zullen wij
Felologisch tevergeefs zoeken in welk woordenboek dan ook.
(Kynologie = kennis der honden, Felologie = ?)
1974 Een 100-tal Perzenfokkers van Felikat sloten zich aan bij
Neocat, vanwege het feit dat men geen rasclub binnen Felikat mocht
oprichten. (Sinds 1978 is dit wel toegestaan.)
1976 (21 september) Oprichting van MUNDIKAT.
Een afsplitsing van Felikat, die ondanks het feit dat de FIFE, in
principe, slechts één vereniging per land erkent, toch door de FIFE
erkend werd. Er werd getracht een Féderatie van Felikat en Mundikat
te vormen, maar dat mislukte. Naar men zegt was het aantal
‘overlopers’ dusdanig groot dat er van FELIKAT nauwelijks iets
overgebleven zou zijn en de Fifé, min of meer noodgedwongen,
Mundikat als 2e FIFE vereniging in Nederland erkende. De reden van
deze splitsing was het leukemie beleid van Felikat. Gerenommeerde
Felikatleden gingen weg naar Mundikat. De FIFé wilde hen niet in de
onafhankelijkheid ‘drijven’ eb stond een 2e FIFE vereniging in
Nederland toe.
1977 (18 november) Oprichting van de Nederlandse Langhaarkatten
Vereniging, NLKV.
De achtergrond van de oprichting is helaas niet te achterhalen,
althans de man die jarenlang in het bestuur heeft gezeten waarvan de
meeste tijd als Voorzitter - Steef Vink, kon er geen juiste reden
meer voor aangeven.
1977 (1 december) Oprichting van Hobby Kat, oorspronkelijk een
‘afdeling’ in het zuiden des lands van PROKAT. (zie ook 1968 PROKAT)
1978 (13 november) Oprichting Vereniging Noord-Oost van Liefhebbers
van de kat, VENOLI-KAT. Werd niet opgericht als afsplitsing, of door
"onenigheid" maar uit pure wanhoop. Iemand had namelijk, voor een
Duitse Vereniging, een 10-jarig contract gesloten met de
Evenementenhal in Borne, maar helaas ging de Duitse club failliet.
Een Nederlandse mevrouw zat toen met een contract voor een hal, maar
had geen club meer die er shows in kon organiseren. Die mevrouw
heeft lopen ‘leuren’ met die hal bij de andere onafhankelijke
verenigingen, maar niemand was bereid er een show te organiseren.
Voor de ‘randstedelingen’ was Borne een gehucht “ergens” achter
Amersfoort, of om de Engelse uitdrukking te gebruiken: “In the
middle of nowhere”!
1980/1981 Door de verzoeken tot deelname aan / ondersteuning van de
FIFE, door o.a. de Singapore Cat Club, Australische- en
Zuid-Amerikaanse verenigingen werd de naam omgezet in: Fédération
Internationale Féline (FIFé)
1980 (5 november) Oprichting van de Nederlandse Perzen Vereniging,
NPV.
Een door "onenigheid" tussen het Neocat bestuur en het bestuur van
de Langhaar Club van Neocat ontstane splitsing. (zie ook 1974) Deze
afsplitsing bracht met zich mee dat de Stamboeksecretaresse Langhaar
naar de NPV ging en Neocat - van oudsher een korthaar kattenclub -
met haar, vele perzen-fokkers zag verdwijnen.
Eind 70-er, begin 80-er jaren hadden we als Onafhankelijke
Verenigingen: Hobby-Kat, NEOCAT, NKFV, N.L.K.V.. NPV, NVvK, PRO-KAT
en Venolikat. Met al die onafhankelijke clubs werd het zo
langzamerhand in Nederland een beetje dringen geblazen.
Om te proberen het een en ander soepel te laten verlopen werd het
Landelijk Overleg Onafhankelijke Katten-verenigingen (LOOK)
opgericht. (eind ‘70-er / begin 80-er jaren) Één van de dingen die
men belangrijk vond, was het samenstellen van een zgn. CAC-Status
lijst plus de daarbij behorende regels om een nieuw ras, kleur,
variëteit etc. te erkennen. Een lofwaardig streven, maar nu zo’n 20
jaar later is die lijst en zijn die regels er wel, maar
waarschijnlijk herinnert niemand zich meer dat die ooit opgesteld
zijn, mocht men zich dat wèl herinneren dan stoort men zich daar
hélaas vaak niet meer aan.
Er werd veel vergaderd, maar weinig concreets werd bereikt. Er
werden wel ‘vuisten’ gebald, strenge regels werden aangenomen, maar
thuis gekomen, werd alles weer vergeten. De expansie-drang van
sommige verenigingen; dubbel-shows, iedere maand zo’n show etc., was
velen een doorn in het oog. Door “onenigheid” ging het L.O.O.K. -
roemloos - ter ziele. Wat niet ter ziele ging was de ‘eeuwige’
strijd om de *klant*, pardon de exposant, getuige de ‘spotprent’ uit
een Katten Klup Blad (Sistrum of Venolikat?) in die tijd.
wordt vervolgd
P.S “Onenigheid” is kennelijk het sleutelwoord, bij alles wat er in
de Cat Fancy al dan niet gebeurt, een nogal trieste zaak!
Bronnen:
“Cats for Pleasure and Profit”, door Frances Simpson - 1928
“The breeding and the management of the Siamese cat” door Mrs K.R.
Williams - 1950.
“Felina Comedia”, door M.A. Knubben Winter in KSK - 1996 / 1998
“Katten” - Uitg. Spectrum, “Katten” - Uitg. Bosch en Keuning,
Elseviers Kattengids,
“Cats” - Grace Pond & Angela Sayer, Bi-Lexikon Rasse-Katzen -
Claudia Müller-Girard, Leipzig
“Katten” - David Alderton. “Organisatie van de Nederlandse Cat
Fancy” - O.P. - 1998
Van TOEN tot NU - 3
De geschiedenis van de Cat Fancy, in een Notendop. De 80-er jaren
De vorige aflevering werd afgesloten met:
P.S. ”Onenigheid“ is kennelijk het sleutelwoord, bij alles wat er in
de Cat Fancy al dan niet gebeurt, een nogal trieste zaak! Ter
illustratie van hoe ”triest“ en hoe de ”onenigheden“ uit de hand
konden lopen; op een A.L.V. in 1979/80 verschenen een aantal
”stoere“ mannen in leren jacks, compleet met boksbeugels en Bouviers
om hun EISEN kracht bij te zetten. De vereniging in kwestie bestaat
nog steeds, maar daar is dan ook alles mee gezegd.
Voordat we aan de Tachtiger-jaren beginnen, eerst nog even terug
naar 20 - 21 januari 1997. Hemeltje lief, wat een weekend was dat.
Niet dat ik op die show geweest ben, maar ik kwam op die zaterdag
terug van een vakantie op Gran Canaria, met het laatste vliegtuig
dat in Nederland nog kon landen. Schiphol was al gesloten en wij
konden nog net, als laatste vliegtuig op Zestienhoven landen.
Aangezien ik bij een chartervlucht nooit haast heb om in te stappen,
ging onze bagage als laatste op de transportband in Las Palmas en
kwam er op Zestienhoven als eerste weer op. Hup in een taxi, naar
het station - in Rotterdam waren de wegen nog begaanbaar- en naar
Nijmegen. De trein reed nog redelijk op tijd en ook in Nijmegen
waren de straten begaanbaar. Gewoon geluk gehad, anders waren we in
Brussel of Düsseldorf terecht gekomen en hadden waarschijnlijk de
nacht door moeten brengen op dezelfde wijze als de exposanten in de
Jaarbeurs, met het verschil dat wij geen katten bij ons hadden.
Ook in de 80-er jaren, kwamen er nog meer verenigingen bij, ‘t hield
niet op:
1985 - De ex-voorzitter van de N.K.F.V. en nog een paar anderen
begonnen met de European Cat Fanciers (E.C.F.) fantastische plannen
een blad in 3 of 4 talen, ‘t zou een soort ”eigen FIFE-je“
worden! De E.C.F, bestaat nog steeds, maar veel van de plannen zijn
nooit tot uitvoering gekomen.
1986 (22 februari) Oprichting van Noordocat, de “noorderlingen”
hadden er genoeg van om óók bij Venolikat door Randstedelingen
gedomineerd te worden. Op een gegeven moment werden er zelfs TWEE
Venolikat Algemene Leden Vergaderingen gehouden, de
Noord-Oosterlingen in Zwolle en de Randstedelingen in Amersfoort, of
daaromtrent. Het uiteindelijke resultaat van deze strijd, was de
oprichting van Noordocat. De statuten bevatten een aantal artikelen,
die bijvoorbeeld bepalen dat bestuurders in de Noordelijke
Provincies woonachtig moeten zijn, dat tentoonstellingen slechts in
de drie noordelijke provincies gehouden moeten worden etc.
Verder was in die tijd ook nog een vereniging SUPERKAT in
oprichting, maar daar werd later niets meer over vernomen.
Voor het Centraal Overleg Onafhankelijke Verenigingen (C.O.O.V.) dat
in 1986 bestond uit de volgende verenigingen Hobby-Kat, Neocat,
N.K.F.V., N.L.K.V., N.P.V., Venoli-kat, waren die nieuwe
verenigingen redenen genoeg om een aantal ”manhaftige besluiten“ te
nemen:
quote
VERKLARING
van het Centraal Overleg Onafhankelijke Verenigingen betreffende
NIEUWE VERENIGINGEN
In de afgelopen tijd zijn er, na problemen in de besturen van enkele
onafhankelijke verenigingen, door de afgetreden of weggezonden
bestuursleden nieuwe verenigingen op gericht, te weten:
- E.C.F. (European Cat Fanciers)
- N O O R D O-C A T
- S U P E R K A T
Op de vergadering van 22 maart jl. (1986) te Bunnik is door de
besturen van de onafhankelijke verenigingen het beleid besproken dat
moet worden gevoerd ten aanzien van deze nieuw opgerichte - en
eventueel nog op te richten - verenigingen.
Uiteraard staat het wettelijk aan een ieder vrij om een vereniging
op te richten; alle aanwezige besturen waren evenwel van mening dat
het hoogst ongewenst en niet in het belang van de Nederlandse Cat
Fancy is, dat er ongelimiteerd splinter-verenigingen worden
opgericht; diegenen die in onvrede één van de 8 verenigingen
verlaten kunnen toch zeker wel onderdak vinden bij één van de andere
7 verenigingen. De nieuwe verenigingen hebben precies dezelfde
doelstellingen als alle anderen en bieden hun leden dus niets
nieuws.
De vergadering heeft dan ook unaniem besloten GEEN van deze nieuw
opgerichte - of eventueel nog nieuw op te richten - verenigingen te
erkennen.
Hierna volgden dan nog een aantal te volgen regeltjes en verboden,
plus de mededeling dat de NVvK weliswaar uit het C.O.O.V. was
gestapt, maar zich bij de verklaring aansloot.
unquote
Na verloop van tijd werd dit besluit ”in de doofpot’ gestopt, de
E.C.F. en Noordo-Cat bestaan nog steeds en hun show’s worden (sinds
jaren) in alle bladen vermeld.
Denkt U nu niet, Beste FIFé-Leden De BOLLE-lezers, dat er slechts
problemen waren bij de onafhankelijke verenigingen; in Duitsland was
het in die tijd ook behoorlijk aan het rommelen:
1986 (18 juli) De Duitse Fifé Vereniging (1e DEKZV) vraagt zelf haar
faillissement aan. Schuldenlast ca. DM 1.050.000. Een feit dat
uiteraard door de Fife niet werd toegejuicht. Enige bestuursleden
van de Duitse Fifé vereniging worden geroyeerd.
De grootste schuldeiser van de 1eDEKZV, de uitgever van het
verenigingsblad ”DIE EDELKATZE“, is tot een vergelijk gekomen met de
overgebleven bestuurders van de ”1e DEKZV“ een feit dat er, tezamen
met de financiële bijdragen en inspanningen van de leden, toe heeft
bijgedragen dat het faillissement niet werd uitgesproken.
Eén van de geroyeerden richtte het ”Deutsche Edelkatzen
Landesverband Nord-Rhein Westfalen op, met het streven opgenomen te
worden als FIFé lid. Op 28 mei 1987 werd er door de A.V. van de FIFé
echter ongunstig beslist op het verzoek van de D.E.-NRW, waarna de
D.E.-NRW als onafhankelijke vereniging verder ging. De D.E.-NRW
bestaat nu nog als DE e.v. Deutsche Edelkatzen e.v.
Ook werd in die tijd de Regional Verein Deutsche Edelkatzen-Nord
opgericht. Deze club ging een paar jaar geleden failliet en opereert
nu rustig verder als RVDE zonder Nord.
1988 (20 augustus) De (onafhankelijke) Deutsche Edelkatzen en nog
een paar FIFé afvallige verenigingen besluiten om de World Cat
Federation op te richten,
Men kan zich afvragen waarom die juist toen en niet al veel eerder
opgericht werd.
De oprichter van de RVDE-Nord wilde niet achterblijven en stichtte
de World Associaton of Cat Clubs, de W.A.C., waar we - in Nederland
- nooit meer iets van horen,
De oprichting van de W.C.F. heeft in de 90-er jaren een nogal
vervelend gevolg gehad voor de Nederlandse Cat Fancy, daarover later
mee.
In Nederland ‘rommelde’ het ook weer verder, want:
1988 (6 mei) Oprichting van de
Nederlandse Korthaar Katten Vereniging. (N.K.K.V.)
Een door ‘onenigheid’ ontstane afsplitsing van de N.V.v.K. Wat die
‘onenigheid’ betreft, de Voorzitster van de N.V.v.K. (ten tijde van
de ‘onenigheid’ ) werd later de secretaresse van de N.K.K.V.
De oprichter van de N.K.K.V. werd ook Vice-President van de W.C.F.
1989 (6 april) Oprichting Traditional Abessijnen Club, de TAC
Opgericht vanwege het feit dat de oprichters het oneens waren en nog
steeds zijn met de algemeen gebruikte Abessijnen-Standaard. De
oprichters zijn van het toneel verdwenen en aangezien een club
nauwelijks shows kan houden alleen voor Abessijnen, werden op de
TAC-Shows ook ander katten toegelaten. In 1997 hielden de leden het
voor gezien en er werd - heel verstandig - besloten de TAC op te
heffen en hun krachten in te zetten voor meer stabielere, FeNK,
verenigingen.
wordt vervolgd
Van TOEN tot NU - 4
De geschiedenis van de Cat Fancy, in een Notendop. De 90-er jaren.
Het eerste jaar was nog tamelijk rustig, ‘t meest ‘schokkende’ was
eigenlijk:
1990 (1 juli) Het FIFé-EMS systeem werd ingevoerd.
Zoals reeds eerder opgemerkt, was het ‘beleid’ van de katten
verenigingen, ook dat van de FIFE, jarenlang afgestemd op de GCCF.
Zo ook de zgn. Ras nummers. Iedere club hanteerde, in principe, de
Engelse Breed-Numbers. Aangezien het GCCF nummer-systeem echter zeer
beperkt is, sleutelden de verenigingen er, ieder voor zich, nogal
wat aan, met het resultaat dat iedereen andere nummers hanteerde en
er bij iedere nieuwe kleur, ras etc. wat bij gefantaseerd werd. Een
Noorse FIFE-Keurmeester, Eva Minde, ontwierp samen met anderen voor
de FIFé een totaal ander - alles omvattend - nummer systeem dat de
naam Eva Minde System - ook wel Easy Mind System genoemd - kreeg.
Het zal heel wat voeten in de aarde hebben gehad maar uiteindelijk
werd het systeem in 1990 geaccepteerd. De voorstanders van het EMS
hebben waarschijnlijk heel wat concessies moeten doen aan de
behoudende, traditionele groeperingen met als eindresultaat een in
opzet logisch systeem, dat jammer genoeg door de jaarlijkse Algemene
Vergadering van de FIFé nog al eens ‘aangevuld’ wordt, waardoor het
systeem onduidelijker en minder logisch wordt.
Het systeem werd officieel wel ingevoerd, maar het duurde toch nog
een paar jaar voordat Felikat het ging gebruiken. Ondanks het feit
dat het systeem duidelijk beschreven is, zijn er anno 2000, nog FIFé
verenigingen die er hun een eigen uitleg aan geven en, na al die
jaren EMS, nog steeds niet begrijpen dat een zgn NIET ERKENDE kat /
kleur / patroon / oogkleur in het EMS al een code heeft, daar hoeft
geen Algemene Vergadering aan te pas te komen.
Even ter zijde, een recent voorbeeld:
Een zgn. Foreign White (erkend) met de genetische code Ww cs cs,
krijgt de EMS code SIA w 67 (Siamese Blue Eyes).
Een Brits Korthaar - met de genetische code Ww cs cs - zou eigenlijk
de EMS-code BRI x w 67 moeten krijgen ( x = niet erkend, w = Wit, 67
= Siamees Blauwe ogen) maar niets daarvan; er komt op de stamboom
zoiets van NIET ERKENDE KORTHAAR zonder vermelding van vacht- en
oog-kleur.
Wat blijft er dan over voor een fokker die een correcte stamboom wil
hebben? Stamboom-vervalsing!
Simpelweg een stamboom voor een Witte Brit met Blauwe Ogen = BRI w
61 (gewone blauwe ogen) aanvragen. Zodat de kat in kwestie met een
‘vervalste’ stamboom de geschiedenis in gaat.
1991
Eind februari, verschijnt het eerste nummer van De Bolle, eigenlijk
het 2e, want eind 1990 was er al een zgn. NUL nummer verschenen, dat
in de Britten-wereld zeer enthousiast ontvangen werd.
Verder was 1991, zo op het oog, een héél rustig jaar, maar schijn
bedriegt want op 25 maart 1991 kwam er Richtlijnen van de EEG, o.a.
m.b.t.: Vaststelling van de criteria voor de goedkeuring en
erkenning van fokkers-organisaties of -verenigingen die stamboeken
houden of oprichten voor rashonden en raskatten.
In andere, aan deze richtlijnen gerelateerde, publicaties werd toen
al gesproken over opleiding van keurmeesters en fokkers, ongewenste
erfelijke kenmerken enz. enz. Al met al de ‘voorboden’ van de GWWD,
waar we nu nog steeds mee te maken hebben,
Ook bestond er toen al een “Werkgroep Rasproblemen Hond en Kat”,
waarin o.a. zitting hadden:
S. Bruin (Felikat) en Mr. G. Van Loon-van Vliet (Neocat) Deze
Werkgroep was de voorloper van de Stichting voor gezelschapsdieren.
1992
De Werkgroep Rasproblemen Hond en Kat, publiceerde het boekje
“Wie mooi moet zijn....” Schadelijke Raskenmerken bij Katten.
Uitgave Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
Hopelijk gebruikt LNV dit boekje niet als ‘naslagwerk’ waar het
volgens de inleiding voor bedoeld is. Het verhaal over leukistische
doofheid is bijvoorbeeld nog al verwarrend, maar heeft dan,
waarschijnlijk, ook meer met dove honden dan met dove katten te
maken.
1993
Dit werd een veel bewogen en druk jaar voor de Nederlandse Cat
Fancy:
21 juni 1993, verscheen voor mij, Mr. Theodorus Othmar Marie van
Eijck, notaris ter standplaats Rotterdam: De Heer Pieter Johannes
Peters enz. enz.
De comparant verklaarde bij deze een stichting op te richten,(..)
(..) 1. De Stichting draagt de naam: Stichting World Cat Federation
Nederland.
23 juli 1993, “Geacht Bestuur, In verband met het op 23 juli jl.
genomen besluit tot opheffing van het C.O.O.V. (..)”Uit een brief
van G. Van Loon-van Vliet, Lid Algemeen Bestuur Stichting
Gezelschapsdieren van 25 Augustus 1993
Het C.O.O.V. is ter ziele gegaan ten gevolge van “het Calimero
effect”, u weet wel: “Ik ben klein en jij bent groot en dát is niet
eerlijk”, of anders bezien, “Ja maar wij zijn de grotere
verenigingen en de kleineren moeten zich maar naar ons schikken,
volgens democratisch model”.
25 augustus 1993, In haar boven aangehaalde brief, schrijft Mevrouw
van Loon o.a. ook nog:
“Gezien het feit dat de FIFE-verenigingen de voorafgaande periode
hun vertrouwen hebben gegeven aan een vertegenwoordiger uit de
onafhankelijke verenigingen en gezien ook de ontwikkelingen in de
“onafhankelijke kattenwereld”, is het mijn persoonlijke mening dat
het nu de beurt is aan de onafhankelijken om in te stemmen met een
vertegenwoordiger uit de FIFE. In die zin heb ik ook de secretaris
van de S.G. geadviseerd.”
Of de, verdeelde, onafhankelijken het er mee eens waren of niet, de
plaats van Mevrouw van Loon in het S.G.-Bestuur werd ingenomen door
Mevrouw M. van Zuilen, de Voorzitter van Felikat.
10 december 1993. oprichting Stichting Felisana. Een stichting die
zich ten doel stelt:
“het terugdringen c.q. trachten te voorkomen van ongewenste
afwijkingen bij katten.”
In plaats van tezamen aan de slag te gaan om de - door de Europese
Richtlijnen - te verwachten ‘problemen’ op te lossen, werden er
nieuwe stichtingen en belangen-gemeenschapjes opgericht en vielen de
bestaande ‘instituten’ uiteen. Het uiteenvallen van het C.O.O.V. was
een kolfje naar de hand van sommige verenigings bestuurders, die er
‘dankbaar’ gebruik van maakten om hun “haantje Victorie te laten
kraaien” en er “zijde bij te spinnen”.
1994
1 januari 1994 De FIFé voert de nieuwe FIFé-Standaard in, d.w.z. de
regels veranderden niet zo erg, maar het geheel werd in een ander
(verfrissend) jasje gestoken.
Het voor ieder katje steeds maar weer herhalen wat al eerder
geschreven werd, de ene keer een kat met bruine ogen en bij de
volgende kastanje-bruine ogen of oranje ogen behoort nu tot het
verleden.
De FIFé-Standaard bestaat nu uit een Algemeen gedeelte, waarin de
dingen die bij alle rassen gelijk zijn worden beschreven en een
gedeelte met speciale raskenmerken etc.
Een verademing in vergelijking met bijv. het befaamde
“Rode”-GCCF-boekje.
Maart/April 1994
Na een voorbereiding van enkele maanden (vanaf Sept/Oct. 1993),
zoeken van een lokatie, samenstellen van het programma, uitnodigen
van gastdocenten enz. enz. werd in De BOLLE 1994-2 de
genetica-cursus geïntroduceerd, (zie gedeeltelijke kopie in dit
artikel) op Dinsdag 6 september 1994 zouden we starten met de cursus
van 12 avonden in ‘t Veerhuis te Nieuwegein. Wat er zich allemaal,
tussen April en September, heeft afgespeeld daar kunnen wij als “De
BOLLE” slechts naar gissen, maar als ‘een donderslag bij heldere
hemel’ viel er Zaterdag (bij de meeste cursisten) en Maandag-middag
bij de organisatoren (van De BOLLE) een brief van de WCF-Nederland
in de bus. Uit deze brief een paar regeltjes:
Rotterdam, 2 september 1994
Geachte Cursist,
Namens het bestuur van de WCF bericht ik u als volgt: dat wij door
technische omstandigheden genoodzaakt zijn de cursus tot een nader
te bepalen data op te schuiven.
Daar wij momenteel het draagvlak van de cursus nog te smal vinden,
dient er meer tijd te worden beschikbaar gesteld aan de werving van
goede docenten. Ons inziens kunnen wij het door ons gestelde niveau
binnen kort bereiken, daar het N.O.K. beloofd heeft zijn medewerking
aan de cursus te verlenen.
N.B. Na deze brief werd er door de B.K.C. De BOLLE niets meer van de
W.C.F.-Nederland vernomen.
“t Was wel kort dag om nog wat te organiseren - o.a. zo’n 40
cursisten telefonisch benaderen - maar Dinsdag 6 september begon de
cursus, zoals gepland, ook zonder de financiële bijdrage van de
W.C.F. en we hebben het (enigszins gewijzigde) programma, tot volle
tevredenheid van de cursisten afgewerkt.
Cursus Cursus Cursus Cursus
Zoals reeds eerder aangekondigd is de WCF-Nederland in samenwerking
met de Brits-Korthaar Club ‘de Bolle’ van plan een cursus te starten
betreffende:
Katten-genetica en
Rassen-standaarden
Locatie: 't Veerhuis te Nieuwegein
Frequentie: 1 keer per 3 weken
Dag: Dinsdagavond ( 1e les is 6 september 1994 )
Kosten: De cursus wordt gefinancierd door de
WCF-Nederland.
Van de cursisten wordt een bijdrage gevraagd van ƒ 120,-- voor 12
lessen.
Kerndocenten: Mw. Drs. E.M.Zegers, dierenarts en int. keurmeester
Dhr. Drs. E.A.Opdebeke, int.keurmeester.
Groepsgrootte: Max 35 cursisten
29 december 1994: Oprichting van de Federatie van Nederlandse Katten
verenigingen, FeNK.
Aan de FeNK nemen deel N.K.F.V, N.V.V.K. en Pro Kat.
Prokat verdwijnt echter al spoedig naar de WCF-Nederland, het waarom
zal U duidelijk worden in de volgende aflevering van deze serie:
“Van TOEN tot NU”
Van TOEN tot NU - 5
De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop. De 90-er jaren,
vervolg.
Om de draad van het verhaal weer op te nemen, even terug naar de
vorige aflevering
29 december 1994: Oprichting van de Federatie van Nederlandse Katten
verenigingen, FeNK.
Aan de FeNK nemen deel N.K.F.V, N.V.v.K. en Pro Kat. Prokat
verdwijnt echter al spoedig naar de WCF-Nederland, het waarom zal U
duidelijk worden in de volgende aflevering van deze serie: “Van TOEN
tot NU”
Waarom verdween Pro Kat?
Zoals reeds eerder vermeld in Van Toen tot NU 1, was Pro Kat de enig
overgebleven deelnemer aan de Raad van Beheer op Felologisch Gebied
in Nederland (Felologisch zult U tevergeefs zoeken in de Dikke van
Dale, het woord bestaat niet) en werd op de een of andere wijze
losgeweekt van de FeNK, de verhalen uit die tijd zijn nogal
verwarrend, ‘t kwam er uiteindelijk op neer dat de Voorzitster van
Pro Kat het ‘veld ruimde’ , naar de NKFV ging en Pro Kat zich aan de
zijde van de WCF schaarde.
Dat er achter de schermen al het een en ander ‘uitgedokterd’ was,
konden we bijv. lezen in:
- het Duitse blad Katzen-Extra November 1994, waarin een uitgebreid
en bloemrijk verslag van Heinz Kellner, de Secretaris Generaal van
de World Cat Federation, over de Algemene Vergadering die op 13 en
14 augustus 1994 in Neurenberg gehouden werd, waarin o.a.:
(..) Het is nog te vermelden dat de Stichting WCF, de
WCF-Organisatie in Nederland, met alle aangesloten verenigingen, de
grootste en enige door de staat erkende organisatie is, die ook voor
alle verenigingen - ongeacht de organisatie waartoe zij behoren - de
stambomen vervaardigd en derhalve het stamboek voert. (..)
(-ongeacht de organisatie waartoe zij behoren- ergo NKFV, NVvK,
Felikat en Mundikat incluis.)
- Bulletin World Cat Federation Nederland, waaruit een paar citaten.
o.a. De Korte Golf (voormalige NKKV nu NRKV -oktober 1994)
(..) De volgende verenigingen zijn aangesloten hij de World Cat
Federation en vormen tezamen de stichting World Cat Federation
Nederland:
Nederlandse Korthaar Katten vereniging (NKKV)
European Cat Fanciers (E.C.F.)
Nederlandse Perzen Vereniging (N.P.V.)
Nederlandse Langhaar Katten Vereniging (NLKV)
Venolikat
Noordocat
Sociëteit van Kattenliefhebbers Neocat
Nederlandse Vereniging van Kattenliefhebbers PROKAT (aspirant-lid)
Nederlands Onafhankelijk Kattenkeurmeestersgilde (N.O.K.) (..)
(..) In de World Cat Federation Nederland hebben zitting de
bestuursleden van de deelnemende verenigingen.
Het dagelijks bestuur wordt gevormd door:
Dhr. P.J. Peters - voorzitter,
Mevr. Drs. E.M. Zegers - secretaris,
Dhr. P.N.C. Quekel - penningmeester. (..)
(..) Beste leden, De vele geluiden dat de Nederlandse Catfancy zich
niet wil organiseren kunnen wij bij deze volkomen uit de weg ruimen.
Wij zijn verheugd u namens de besturen van bovengenoemde
verenigingen te kunnen mededelen, dat al deze verenigingen zich
hebben aangesloten bij de World Cat Federation (W.C.F.)
Helaas is het u wellicht bekend dat de verenigingen, georganiseerd
in de FENK, te weten de N.K.F.V. , de N.V.v.K. en naar onze laatste
informatie ook de T.A.C., een democratische vorm van samenwerking
met de acht Nederlandse Kattenverenigingen georganiseerd in de
W.C.F. Nederland niet willen uitbouwen, ondanks dat wij onze
uiterste best hebben gedaan om de samenwerkingsbanden tussen de
verenigingen nauwer aan te halen is deze toch in een impasse
geraakt. (..)
(..) Raad van Beheer op Felelogisch gebied in Nederland.
De bij de W.C.F.-Nederland aangesloten verenigingen hebben zich de
afgelopen maanden gemobiliseerd en de besturen zijn inmiddels vele
malen in vergadering bijeen geweest. Zij hebben besloten dat met
ingang van 1 januari 1995, de Raad van Beheer op Felelogisch gebied
in Nederland voor al deze verenigingen in werking zal gaan treden.
In het kort samengevat het volgende:
Vanaf 1 januari 1995 zijn alle (negen) bovengenoemde verenigingen
aangesloten bij de Raad van Beheer op Felelogisch gebied in
Nederland. Het bestuur van de Raad van Beheer zal dan ook gevormd
worden door één afgevaardigde van elke deelnemende vereniging en zal
dus uit negen personen gaan bestaan.
De raad van Beheer is een officieel wettelijk onafhankelijk
rechtspersoon en bestaat in Nederland al meer dan 25 jaar. (..)
Er moest alleen nog een ‘legaal’ tintje aan gegeven worden (een paar
citaten uit de acte zoals geregistreerd bij de K.v.K. voor Utrecht
en Omstreken (S187367)
(..) Heden, de eenendertigste januari
negentienhonderdvijfennegentig, verscheen voor mij, Meester Robert
Willem Thornton Salomons, notaris ter standplaats Andel, gemeente
Woudrichem: Mevrouw Margaretha Henriëtte Alida Ras (..)
Ten deze handelende:
a) in haar hoedanigheid als secretaris van de vereniging: Raad van
Beheer op Felologisch Gebied in Nederland (..)
b) als schriftelijk gevolmachtigde van:
1. De heer Jacobus Adrianus Molenaar (..)
2. Mevrouw Sijgje Gijsberta Ingrid van Iperen (..)
die de volmacht verstrekten in hun hoedanigheid van respectievelijk
voorzitter en penningmeester van voornoemde vereniging.
De comparante verklaarde:
(..) Dat in de voormelde algemene ledenvergadering - die correct
werd geconvoceerd en speciaal werd bijeengeroepen met het doel
omzetting van de vereniging in een stichting en statutenwijziging -
unaniem is besloten tot:
het omzetten van de vereniging in een stichting conform artikel 2:18
van het Burgerlijk Wetboek alsmede de statuten te wijzigen en
opnieuw vast te stellen.
(..)
Eerste Bestuur,
Voor de eerste maal wordt het bestuur gevoerd door:
• mevrouw Margaretha Henriëtte Alida Ras, als voorzitter;
• mevrouw Catharina Wilhelmina van Holthe tot Echten, gehuwd met de
heer Brandt, als secretaris;
• de heer Jeroen Metten, als penningmeester.
Tot zover de citaten uit de stichtings-acte.
De plannen en doelstellingen - te veel om hier te vermelden - waren
groots en zouden zeer zeker leiden tot het doel waar de St.
WCF-Nederland naar streefde, n.l.:
Als “grootste en sterkste” groepering van Nederland zou deze
Nederlandse tak van de W.C.F. bij het Ministerie van Landbouw
Natuurbeheer en Visserij grote invloed hebben bij, eventuele
onderhandelingen, m.b.t. Europese Regelgeving voor stamboek voerende
verenigingen. Deze regelgeving is echter door de Europese Commissie
van de agenda afgevoerd (voorlopig althans). Ook bij de invoering
van GWWD en de daarbij betrokken organisaties, o.a. Stichting
Gezelschaps Dieren / Werkgroep Katten en de daarmee gepaard gaande
werkzaamheden, zou de St. WCF-Nederland als grootste(?) wel even
vertellen hoe het allemaal op ‘democratische wijze’ geregeld zou
moeten worden.
Helaas voor de WCF-Nederland deelde LNV en de St. Gezelschapsdieren
de ‘mening’ van de St. WCF-Nederland niet, Mevrouw van Zuilen
(Felikat) nam de plaats van Mevrouw van Loon, als
vertegenwoordigster van de Nederlandse Cat Fancy, over in het
Bestuur van de St. Gezelschapsdieren. Er werd geen tweede
vertegenwoordiger van de Katten geaccepteerd in het Bestuur van de
Stichting Gezelschaps Dieren.
De toch al moeizame contacten tussen de FIFE en de Onafhankelijke
Verenigingen werden door de vorming van een derde ‘blok’ nog
moeilijker c.q. onmogelijker, waardoor de werkzaamheden extra
vertraagd werden.
Op papier leken de plannen van de WCF-Nederland allemaal zo mooi en
het was zou goed afgesproken en geregeld.
Echt democratisch, iedere vereniging één stem! ‘t Bleek echter
allemaal “gebakken lucht” zoals U in de volgende aflevering kunt
lezen.
Van TOEN tot NU - 6
De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop., 1995
1995 was een nogal ‘bewogen’ voor de Nederlandse Cat Fancy in het
algemeen,
maar voor de Stichting World Cat Federation Nederland in het
bijzonder.
Weet U nog wie er allemaal lid waren van de WCF?
Nederlandse Korthaar Katten Vereniging (NKKV)
European Cat Fanciers (E.C.F.)
Nederlandse Perzen Vereniging (N.P.V.)
Nederlandse Langhaar Katten Vereniging (NLKV)
Venolikat
Noordocat
Sociëteit van Kattenliefhebbers Neocat
Nederlandse Vereniging van Kattenliefhebbers PROKAT (aspirant-lid)
Nederlands Onafhankelijk Kattenkeurmeestersgilde (N.O.K.)
Laten we eens kijken hoelang de eensgezindheid t.b.v. het “Eendracht
maakt
MACHT” principe stand heeft gehouden.
Om te beginnen de bestuurswisselingen van de WCF-Nederland er uit in
drie
jaar tijd.
Bij de oprichting - 21 juni 1993:
1.De Heer Pieter Johannes Peters (NVVK) Voorzitter [ 21-06-1993]
2.Mevrouw Dr. Everdina Maria Zegers (ECF) Secretaris [ 21-06-1993]
3.Mevrouw Johanna Adriana Williams -Kalf (NPV) Penningmeester
[ 21-03-1993]
Op 19 juni 1995:
1.De Heer Pieter Johannes Peters (NVVK) Voorzitter [ 21-06-1993]
2.De Heer Petrus Martinus C. Quekel (Neocat) Penningmeester
[ 26-09-1994]
3.Mevrouw Harmke Jacoba Metten-Ensing (Noordocat) Secretaris
[ 17-05-1995]
Op 30 mei 1996:
1.De Heer Petrus Martinus C. Quekel (Neocat) Voorzitter [
26-09-1994]
2.Mevrouw Harmke Jacoba Metten-Ensing (Noordocat) Penningmeester
[ 17-05-1995]
3.Mevrouw Anny Sterrenbrug (NRKV?) Secretaris [ 28-09-1995]
[ datum infunctietreding als bestuurslid]
opgaven volgens de KvK-Rotterdam. Dossier S133708.
In het begin 1995 gepubliceerde “Bulletin World Cat Federation - nr.
2" wordt
‘duidelijk’ verteld aan de leden / lezers wat o.a. een doelstelling
van de WCFNederland
is:
Waar bij sommige andere (niet-WCF) verengingen enkel omzetvergroting
prevaleert,
hoopt WCF-Nederland door kwaliteitsverbetering (niet door
overregulering,
zoals sommigen u willen laten geloven) te komen tot een solide en
groot samenwerkingsverband,
waarbij felologische belangen voorop staan. (anno 2000 staat het
woord: Felologisch nog steeds niet vermeld in Van Dale)
Kwaliteitsverbetering of niet, eind April 1995, laat Venolikat weten
met onmiddellijke
ingang uit de WCF-Nederland te stappen. De juiste redenen werden
nooit
bekend gemaakt, maar één van de oorzaken was de prijs van de “blue
slip” die
Venolikat aan haar leden moest berekenen.
Venolikat sloot zich toen niet aan bij de FéNK maar werd gewoon weer
een
Onafhankelijke Vereniging, die besloot eerst “de kat maar eens uit
de boom te
kijken”
( Blue Slip was een stamboek-formuliertje met daarop gegevens van de
kat.
Deze gegevens werden opgeslagen door, de Stichting Raad van Beheer
op
Felologisch Gebied in Nederland.)
Toen waren er nog ACHT WCF-verenigingen.
d.w.z. Neocat Magazine van April 1995 weet te melden dat het met het
N.O.K.
niet zo best gaat en de WCF-Nederland daarom besloten heeft zelf
weer
keurmeestersexamens te gaan afnemen. Kandidaten worden er zelfs op
gewezen
dat het deelnemen aan een opleiding van het N.O.K. geschiedt op
eigen
risico.
Toen waren er nog ZEVEN WCF-verenigingen.
In het Infobulletin van WCF-Nederland (Neocat Magazine nr.4 1995)
valt te
lezen dat de ECF en Prokat “niet langer deelnemen aan het overleg
binnen
WCF-Nederland, een verdere toelichting ontbreekt, want:
“Het bestuur van WCF-Nederland heeft niet de behoefte om met modder
te
gooien en u te vervelen met allerlei strubbelingen.”
en:
“Het blijkt b.v. onmogelijk om samen te werken met verenigingen die
intern in
een staat van organisatorische chaos verkeren.”
en:
“Maar goed, de bovenstaande “grote vijf” hebben grote plannen en
zullen zich
hierdoor niet laten ophouden.”
Toen waren er nog VIJF WCF-verenigingen.
Een goede steun in de rug van de WCF-Nederland was echter het feit
dat het
Bestuur van Neocat, al wel deelnemende aan de WCF-Nederland, op
zaterdag
17 juni 1995 in Krimpen a/d IJssel op de Algemene Ledenvergadering
de volledige
steun van haar leden kreeg.
Voor de niet WCF verenigingen eindelijk duidelijkheid; NEOCAT is WCF
of was
de WCF-Nederland NEOCAT?
Wie waren dan wel die ”grote VIJF” met de grote plannen?
Sociëteit van Kattenliefhebbers Neocat [1000-1500 leden]
Nederlandse Langhaar Katten Vereniging (NLKV) [ 500-1000 leden]
Nederlandse Perzen Vereniging (N.P.V.) [minder dan 500 leden]
Nederlandse Korthaar Katten Vereniging (NKKV) [minder dan 500 leden]
Noordocat [minder dan 500 leden]
Verdeling van het aantal leden van
Nederlandse Katten Verenigingen:
FéNK 40%
FIFé 33%
WCF 17%
Anderen 10%
De betrekkingen tussen de onafhankelijke verenigingen waren zo
langzamerhand
totaal verstoord; WCF verenigingen mochten/wilden geen
onafhankelijke
show’s meer publiceren in hun bladen.
Een door de jaren door iedereen in de Onafhankelijke Cat Fancy
(vriend en/of
vijand)- afgezien van wat er ook gebeurde - gekoesterde Centrale
Cattery Registratie,
werd door de WCF-Nederland ruwweg ter zijde geschoven,
waarschijnlijk
om dat de CCR niet naar de WCF pijpen wilde dansen.
Na het verdwijnen van de WCF-Nederland heeft dubbele registraties
voor verscheidene
mensen tot probleempjes veroorzaakt.
Noot: Ook de FIFé verenigingen onderhouden goede betrekkingen met
de,
sinds enige jaren, Stichting C.C.R. Nieuwe cattery namen worden daar
niet
“officieel” geregistreerd, maar wel wordt nagegaan of die naam
misschien al
geregistreerd staat. Een zeer waardevol en uniek instituut, waar men
in vele
Europese landen jaloers op is.
Afgezien van de verstoorde betrekkingen, daalden ook de
“fatsoensnormen” bij
sommige lieden in Katten - Nederland. De ‘samenwerking’ - op zgn.
vriendschappelijke
basis - tussen de Brits Korthaarclub “De BOLLE” en de Stichting
WCF-Nederland werd op abrupte en schandalige wijze door de WCF
verbroken.
De geplande Genetica Cursus werd één tot twee dagen voor het begin
van die
cursus door de WCF-Nederland afgelast, desondanks werd de Cursus
toch
gestart op de geplande dag en de dertien avonden werden tot volle
tevredenheid
van een ieder gehouden.
Wat betreft de ‘kwaliteits verbetering’ en ‘niet met moddergooien’
door de WCFNederland,
in de volgende brief een paar staaltjes van WCF-kwaliteit en
WCFmodder:
Geachte Cursist. Rotterdam. 2 september 1994
Narnens het bestuur van de W.C.F. bericht ik u als volgt; dat wij
door technische
omstandigheden genoodzaakt zijn de cursus tot een nader te bepalen
data op te schuiven.
Daar wij momenteel het draagvlak van de cursus nog te smal vinden,
dient
er meer tijd te worden beschikbaar gesteld aan de werving van goede
docenten.
Ons inziens kunnen wij het door ons gestelde niveau binnen kort
bereiken, daar het N.O.K. beloofd heeft zijn medewerking aan de
cursus te
verlenen.
Het N.O.K. en W.C.F. zijn van mening dat het voor de cursus een
goede zaak
is gezamenlijk de gedoceerde stof samen te stellen. Dit
samenwerkingsverband
biedt een goede ingang om vanuit een ruime opzet voldoende gewicht
qua inhoud en docenten te kunnen inbrengen.
Vanzelfsprekend begrijpen wij u teleurstelling dat de cursus op 6
september
as. niet van start kan gaan, maar de hoge frequentie van de cursus
en de
werkzaamheden die daarmee gepaard gaan laten het momenteel nog niet
toe u een nieuwe data te kunnen presenteren.
In overleg heeft het bestuur besloten dat wij uw vertrouwen niet
willen beschamen,
en de door u reeds betaalde cursus gelden per omgaande zullen
retourneren.
Het W.C.F. bestuur vertrouwt erop u zo correct en volledig mogelijk
te hebben
geïnformeerd, en rekent op uw medewerking in 1995.
Met vriendelijke groet, p/o namens het W.C.F.-bestuur, J.A. Williams
penningmeester
Ja, ja, nogal moeilijk te lezen en te begrijpen dit epistel,
bovendien is het geheel,
bijvoorbeeld: “de werving van goede docenten”, een trap in het
gezicht van
de, oorspronkelijke, organisator; BKC “De BOLLE”, én de docenten die
hun
medewerking al hadden toegezegd:
Mevr. Dr. E.M.Zegers en de Heer Drs. E.A. Opdebeke als Staf
Docenten, Mevr.
Jopie Wols, de Heer Aad v.d. Molen, Mevr. Birgit Kuhlmay, Mevr. Mimy
Sluiter,
de Heer Michael Knubben Winter en een aantal, nog niet met name
genoemde,
Specialisten van de Universiteit in Utrecht, Specialisten op het
gebied van
Katten voeding enz. enz. die door Mevr. Zegers nog zouden worden
benaderd.
Opgemerkt dient te worden dat de voorbereidingen voor de cursus
reeds in het
vroege voorjaar van 1994 waren gestart met een bijeenkomst in de
praktijkruimte
van Ineke Zegers, Dierenarts en All-Round Katten Keurmeester, tevens
de Secretaris van de WCF-Nederland, alhoewel zij, als secretaris,
bovenvermelde
brief noch schreef (dan was de brief in beter Nederlands
geschreven),
noch ondertekende.
Ook andere, maar dan reeds jarenlang bestaande, relaties tussen
“eerbiedwaardige”
verenigingen werden op grove wijze verstoord. Neocat en de NVvK
hadden
bijvoorbeeld sinds jaren een gezamenlijke opslagplaats van hun
tentoonstellings-
kooien enz., dat was geen probleem want DE show van de NVvK vond
altijd plaats in December, en DE show van Neocat was altijd eind
Januari.
Heel verstandig; Neocat bijv. 700 Kooien, de NVvK 700 kooien, gooi
je hutje bij
mudje en er is geen enkel probleem om een TENTOONSTELLING (zo noemde
men toentertijd Katten-Shows) met 1200 katten te houden. Beheer,
onderhoud enz. enz. werd in gezamenlijk overleg gedaan. Totdat een
aantal ‘onverlaten’,
behorende tot de “grote” vijf besloten die “vriendschappelijke “
relatie op
GROVE wijze te verstoren.
Bij ‘nacht en ontij” werden de Neocat en/ of NVvK toebehorende
kooien e.d. uit
de opslag, om het netjes te zeggen, “verwijderd”. De
‘eerbiedwaardige’ vereniging
NEOCAT verloor door deze ‘daad’ wel zowat alle ‘eerbiedwaardigheid’,
een
verlies dat door haar leden werd afgestraft, door:
Ook NEOCAT verlaat de WCF-Nederland!
Maar niet alleen NEOCAT, ook de N.K.K.V. , oorspronkelijk de
vereniging van
Mr. VICE President van de WCF gooide “het bijltje er bij neer” en
verliet de
W.C.F. - Nederland Zo vermeldt KSK nr. 18 / December 1995
En toen waren er nog maar DRIE WCF-Verenigingen, met een
WCF-Voorzitter,
Pim Quekel - die geen lid van een WCF-vereniging meer was.
Welke verenigingen waren dat?
Ach, echt belangrijk is het niet, maar het waren:
Nederlandse Langhaar Katten Vereniging (NLKV) [ 500-1000 leden]
Nederlandse Perzen Vereniging (N.P.V.) [minder dan 500 leden]
Noordocat [minder dan 500 leden]
Voorwaar: Het einde van de World Cat Federation in Nederland naderde
met
rasse schreden!
Er waren ook wel enige positieve ontwikkelingen in 1995, zo
verbeterde bijvoorbeeld
de relatie tussen de FéNK en de FIFé-verenigingen. Een verbetering
die
leidde tot de IAMS-ONK show op 5 November 1995 in de RAI te
Amsterdam.
Daarover meer in de volgende aflevering van “Van toen tot Nu -1995
Vervolg”
Van TOEN tot NU - 7
De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop., 1995 - vervolg
Aflevering 6 werd afgesloten met o.a.:
(..)
Er waren ook wel enige positieve ontwikkelingen in 1995, zo
verbeterde bijvoorbeeld
de relatie tussen de FéNK en de FIFé-verenigingen.
(..)
Helemaal juist gesteld was dat niet, want er bestonden al jaren -
min of meer
informele - contacten tussen de FIFé en de Onafhankelijke
Verenigingen van het
C.O.O.V. (Centraal Overleg Onafhankelijke Verenigingen) Zo hadden
bijvoorbeeld
Stephe Bruin, namens Felikat, en Truus van Loon, namens Neocat /
C.O.O.V., zitting in de Werkgroep Rasproblemen Hond en Kat. Door
deze werkgroep
werd in 1992 het boekje “Wie mooi moet zijn....”
(Schadelijke Raskenmerken bij Katten) uitgegeven. Later werd Truus
van Loon
Bestuurslid van de Stichting Welzijn Gezelschaps Dieren, namens de
Nederlandse
Cat Fancy. Na het uiteenvallen van het C.O.O.V. stelde Truus van
Loon
haar zetel ter beschikking en werd haar plaats ingenomen door de
Voorzitter
van Felikat, Marja van Zuilen. Logischer wijze moeten er dus
(in)formele contacten
hebben plaats gevonden, die eerst via het C.O.O.V. en de FIFé, maar
later via de FéNK en de FIFé liepen. Met de oprichting van de FéNK
in 1994 kwam er
(noodgedwongen vanwege de GWWD) wat meer structuur in de onderlinge
verhoudingen.
Bij de verbeterde verhoudingen kwam ook nog:
Volgens een Citaat uit Mundikat Magazine nr. 4 1995, naar aanleiding
van
besluiten genomen op de General Assembly te Tiel Juni 1995.
“Het is nu toegestaan om bij niet FIFé clubs te showen en andersom.
Alleen
worden de titels nog niet erkend. De Wereldshow is een uitzondering
hierop. Dit
alles met ingang van 01-01-1996.
Vooruit lopende op de zgn. “Open Deur Politiek” (het over en weer
showen bij
FIFé / Onafhankelijke Verenigingen) per 1 januari 1996, besloten de
FéNK
(NKFV, NVvK en TAC) en de FIFé (Felikat en Mundikat) een
gezamenlijke
tentoonstelling te organiseren op 5 november 1995 in de RAI te
Amsterdam, het
Open Nederlands Kampioenschap (ONK show).
Er was zelfs sprake van om zo’n evenement jaarlijks te doen
plaatsvinden. De
volgende ONK-Show in 1996 zou gehouden worden in het Congresgebouw
te
‘s-Gravenhage.
De WCF-Nederland - die eigenlijk niets met de FéNK te maken wilde
hebben -
was zeer gepikeerd niet uitgenodigd te zijn om ook deel te nemen en
besloot de
ONK in haar bladen “dood te zwijgen”en zelf ook een show te
organiseren 5
november 1995 in Vlaardingen.
Bovendien werd er door de WCF heftig geageerd tegen de naam ONK,
want
aangezien de WCF er niet aan deel mocht nemen kon er nooit een
Nederlandse
Kampioen gekozen worden. Typische WCF ‘logica’, want ook WCF-leden
konden
inschrijven, net als ieder ander.
Helaas kreeg de aangekondigde zgn. “Open Deur Politiek” van de FIFé
niet de
instemming van 141 Felikat- en 25 Mundikat-leden, zoals te lezen is
in een
(citaat) van een brief d.d.. 2 september 1995, die op de Felikat
Show van Zondag
3 september 1995 ter lezing en ondertekening werd ‘aangeboden’ door
enige ‘vooraanstaande’ leden van Felikat. Dat deze brief voor vele
Onafhankelijke
Verenigingen een behoorlijke klap in het gezicht, zo
niet een grove belediging betekende zult U, na het citaat te hebben
gelezen, wel
kunnen begrijpen.
Citaat uit de brief van 2 september 1995:
“Nu is het vanaf begin 1996 mogelijk om met onze katten de
tentoonstellingen
van de onafhankelijke verenigingen te bezoeken. Aangezien er heel
wat
schort aan het veterinair beleid van sommige onafhankelijke
verenigingen,
zowel binnen de verenigingen alsook op hun tentoonstellingen, is het
risico
dat de katten met een ziekte/virusi schimmel besmet raken groot.
Er zullen altijd leden van Felikat en Mundikat zijn, die het uit
oogpunt van
‘klantenwerving’ lucratief zullen achten om ondanks de veterinaire
risico’s
hun katten op de door de onafhankelijke verenigingen georganiseerde
shows
uit te brengen. Tussendoor worden dezelfde katten op een
FIFé-tentoonstelling
uitgebracht, wat voor leden die de onafhankelijke tentoonstellingen
juist
vanwege het veterinaire risico met hun katten niet willen bezoeken,
een groter risico voor besmetting met zich mee brengt. Bovendien
wordt veelal
op de tentoonstellingen van de onafhankelijke verenigingen aan
ontsmetting
van de handen van keurmeesters en stewards geen of nauwelijks
aandacht
aan besteed. De stewards hebben soms niet eens een (schone) schort
aan,
zodat zij van huis van alles aan hun kleren mee kunnen nemen (denk
hierbij
vooral aan schimmel).”
Ondanks dit betreurenswaardige incident vonden de Open Nederlands
Kampioenschappen
toch plaats op Zondag 5 november 1995, een paar cijfertjes
bijeengegaard uit de Catalogus, zonder verwerking van af- en
bij-schrijvingen
etc.
Katten: Exposanten: Keurmeesters:
FéNK ± 1120 ± 450 37
FIFé ± 883 ± 500 22
---------- --------- ----
Totaal ± 2003 ± 950 59
====== ===== ===
Naast de 59 - reguliere - keurmeesters, waren er ook nog drie
speciale keurmeesters
uitgenodigd om uiteindelijk DE Nederlandse KAMPIOENEN te verkiezen.
Een oneven aantal was nogal logisch want er konden dan geen stemmen
staken, maar toen was er een probleem; als Onafhankelijke Allrounder
was
Chantal Westerman (Frankrijk?) en als FIFé Allrounder Stephe Bruin
(Nederland)
uitgenodigd, maar wie neem je dan als derde - boven alle partijen
staande
- Allrounder?
Dat werd een Amerikaanse Keurmeester:
Mrs. Marilyn Cruz, uit Kinnelon NJ, USA, een CFA Allbreed judge.
Keurmeester sinds 1962. Zij fokte o.a. Perzen, Manx en Burmezen.
Alom in Nederland (en omstreken) had men met spanning uitgekeken
naar deze eerste gezamenlijke show van Onafhankelijken en de FIFé,
maar helaas een
echte gezamenlijke show was het eigenlijk niet.
Dat werd de exposanten al gauw (nou ja ‘t koste wel een beetje tijd)
duidelijk
nadat ze vanuit de ‘catacomben’ van de RAI, een parkeergarage, via
een lift of
trappenhuis op de 1e verdieping kwamen, daar werden de OAH
exposanten
gescheiden van de FIFé exposanten; OAH < LINKER RIJ, FIFé > RECHTER
RIJ, daarna kwam, als je eindelijk zover was, een brede gang - een
soort overdekte
loopbrug naar een volgend gebouw - met links de OAH-Dierenartsen en
rechts de FIFé-Dierenartsen.
Eigenlijk een volkomen zotte vertoning, vooral als de FIFé
Dierenartsen bij
gebrek aan FIFé-exposanten zaten te ‘niksen’. ‘t Liep aan de
rechter-zijde wat
vlotter vanwege het feit dat de inschrijfgelden bij de FIFé altijd
vóór de show
betaald moeten zijn en dat bij de FéNK verenigingen ook nog betaald
kan worden
aan de ingang.
Leerzaam was het voor die rij-wachtenden wel, aan de linkerzijde
bijvoorbeeld
vroegen velen zich af waarom aan de rechterzijde iedereen met
klapstoelen liep
te zeulen. Aan de rechterzijde was men hoogst verbaasd dat er links
bijna
niemand een stoel bij zich had.
‘t Antwoord? Bij de OAH-shows zorgt de show-organisatie altijd voor
stoelen,
maar bij de FIFé-shows is dat niet gebruikelijk, daar zorgen de
exposanten zelf
voor hun zetels. Leerzaam was het voor de wachtenden ter
rechterzijde ook om
te zien dat er aan de linkerzijde Felikat-Dierenartsen keurden en
dat terwijl er
rechts NIET Felikat-Dierenartsen bezig waren. Deze ‘verbaasden’
leefden namelijk
in de veronderstelling dat Felikat, vanwege haar veterinaire beleid,
speciale
Dierenartsen had.
Na de veterinaire keuring kwam er weer een “hobbel”; een trap - wel
een brede,
doch hoge - naar de begane grond. Daar aangekomen moesten de
FIFé-exposanten
steeds maar rechtdoor lopen totdat ze de FéNK-Show voorbij waren en
bij “Checkpoint Charley in de Berlijnse muur” kwamen die het
FIFé-gedeelte
afsloot van het FéNK-gedeelte.
Het werd toen aan velen duidelijk dat er eigenlijk TWEE aparte
show’s werden
gehouden in één en dezelfde ruimte, met een afscheiding die bestond
uit
verkoopstands en twee - gescheiden - keurruimtes.
Ook bij het doorkijken van de catalogus zal het velen duidelijk
geworden zijn dat
die eigenlijk bestond uit een FIFé- en een FéNK- catalogus, gebonden
in één
omslag. Nergens een gezamenlijk woord van de organiserende
verenigingen
Felikat, Mundikat, NKFV, NVvK en TAC. Nergens een verwijzing naar
het bijzondere
van deze show, nergens een verwijzing naar het feit dat de ONK-Show
met
± 2000 katten wel eens de grootste zou kunnen zijn die er ooit in
Europa georganiseerd
werd. Nergens een verwijzing naar het gebeuren, het hoe en wat, van
het 3e Podium, zelfs de namen van die drie All Rounders staan
nergens vermeld.
Er waren drie podia; 1 voor de FIFE Show, 1 voor de FéNK Show en dan
nog
een op de ”kop” van de Berlijnse Muur voor de drie
‘top-keurmeesters” die
allerlei voorgedragen BIS ed katten met elkaar vergeleken, daar de
besten uitzochten enz. enz. totdat de uiteindelijke Open Nederlandse
Kampioenen uit
de bus zouden komen.
Ondanks navraag bij de zo’n beetje hoogste Administratieve
Autoriteit van de
ONK-Show bleek het onmogelijk om de namen van de Open Nederlandse
Kampioenen nu, 5 jaar later in 2000, nog te achterhalen. Ergens in
de organisatie
had iemand een ‘steekje’ laten vallen. Zo vielen er wel meer
‘steekjes”, vaak
het idee dat de linkerhand niet wist wat de rechter deed. Als
voorbeeldje een
situatie die zich voor deed tijdens de opbouw van de show; de ene
groepering
was druk bezig de bakken - waarin de kooien geplaatst worden - te
voorzien
van nieuw, schoon plastic vanwege het eventuele gevaar voor
besmetting, maar
zag dat zoiets bij de andere groepering niet gedaan werd. Met
verbazing, ergernis
enz. werd op deze ‘grove’ nalatigheid gewezen, c.q. de andere
groepering
‘ter verantwoording’ geroepen. Ach zeiden die anderen:
“WIJ doen dat al jaren en jaren op een andere manier, zie je die man
met die
container op z’n rug? Aan die container zit een pomp en daarmee
wordt een
ontsmettingsvloeistof op de kooien en de bakken gespoten.
Morgenavond bij de
afbouw doen we dat weer, op die manier worden er ontsmette kooien
opgeslagen.”
Afgezien van de missertjes, zo links en rechts, was het toch een
groots evenement
en velen waren het er over eens dat zo’n ONK-show een jaarlijks
wederkerende
‘happening’ zou moeten worden.
Helaas, de deuren waren wel open, maar de Besturen konden/wilden er
niet
samen door. Tot een ONK-Show in het ‘s-Gravenhaagse Concertgebouw in
1996 is het dan ook niet gekomen.
Er waren in 1996 wel weer andere zaken die de aandacht vroegen,
daarover
meer in “Van Toen tot Nu - 8”.
Van TOEN tot NU - 8
De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop., na 1995
Het einde van de WCF-Nederland
Na veel (grotendeels overbodige) strijd is de WCF-Nederland zo’n
beetje ter
ziele. Nog slechts twee
verenigingen zijn bij deze Organisatie aangesloten, t.w.: Noordocat
en de NPV.
Je zou met enig recht kunnen zeggen dat de andere verenigingen
gewonnen
hebben. Maar, als zo vaak, zijn er ook hier slechts verliezers. Dat
zijn wij de
fokkers en de exposanten.
Er is veel kostbare tijd verloren gegaan met het bestrijden van
elkaar. Ook zelf
heb ik er op deze pagina’s veel aandacht aan besteed. De tijd die
verloren
gegaan is zal moeten worden ingehaald. Er zijn veel belangrijker
zaken aan de
orde die onze katten betreffen. Ik hoop van harte dat de besturen
van de verenigingen
weer snel al hun aandacht aan de echte problemen zullen schenken.
(Jan W. Tromp in KSK, nr. 19 - februari 1996)
Een gevolg van het ter ziele gaan van de WCF-Nederland was:
1996 Oprichting Nederlandse Katten Unie (N.K.U.)
Een afsplitsing van Neocat en de Neocat Tabby Club, veroorzaakt door
het feit
dat de ex-voorzitter van Neocat, tevens voorzitter van de
WCF-Nederland (Pim
Quekel) en de Secretaris van de Neocat Tabby Club (Jaap Zunneberg)
tezamen
de bemanning vormden van Cattery “Ashton’s Harem”. Bij Neocat hadden
ze
niets meer “in de melk te brokkelen” en wat doe je dan? Eigen club
op richten,
de NKU !
Weer een club die eigenlijk niets had toe te voegen aan de
Nederlandse Cat
Fancy en eigenlijk beter niet opgericht had kunnen zijn.
Zoals reeds vermeld in aflevering 7:
Helaas, de deuren waren wel open, maar de Besturen konden/wilden er
niet
samen door. Tot een ONK-Show in het ‘s-Gravenhaagse Concertgebouw in
1996 is het dan ook niet gekomen.
Dit jaar geen Open Nederlands Kampioenschap.
Tot onze spijt moeten we u mededelen dat er dit jaar geen tweede
editie van de
Open Nederlandse Kampioenschappen gehouden worden. De verenigingen
die
het vorige jaar de eerste aflevering organiseerden konden het niet
met elkaar
eens worden over een geheel gewijzigde opzet van het evenement.
Afgesproken is nu om in september de koppen weer bij elkaar te
steken om te
bezien of het mogelijk is in 1997 de tweede Open Nederlandse
Kampioenschappen
te organiseren.(KW - 3’96)
Of men er in September nog over gesproken heeft, dat vermeldt de
historie - in
de Kattenbladen - niet.
In ieder geval is er tot nu toe (2000) geen ONK-Show meer
georganiseerd, er
De Bolle - 3
was ook wel wat anders te doen na de brief van de Minister van LNV:
Datum: 1 augustus 1996
Onderwerp: Overlegstructuur kattenverenigingen
quote
Voor de kattenverenigingen is op dit moment van belang het
overzetten van
het Honden en Kattenbesluit uit 1981 naar de GWWD en het opstellen
van
een plan van aanpak om de problemen die ontstaan als gevolg van het
fokken terug te dringen.
Ik moet constateren dat de huidige wereld van kattenliefhebbers is
versnipperd.
Het is mij bekend dat er momenteel minimaal 15 kattenverenigingen
bestaan. Het mag duidelijk zijn dat het voor het Ministerie
onmogelijk is om
met al deze verenigingen afzonderlijk in gesprek te aan. Ik wil
derhalve
aandringen op een overkoepelend overleg binnen de Cat Fancy, dat
leidt tot
een volwaardig en representatief vertegenwoordigend orgaan van de
kattenverenigingen.
De Minister heeft in een brief van 26 maart 1996 aan de Stichting
voor
Gezelschapsdieren aangegeven behoefte te hebben aan een platform
voor
Gezelschapsdieren, dat in het traject van regelgeving de
belangenbehartiging
voor zijn rekening kan nemen. De Minister heeft aangegeven dat
hij ervan uitgaat dal de Stichting voor Gezelschapsdieren deze rol
in de
toekomst gaat vervullen. Een vertegenwoordiger van genoemd
overkoepelend
overleg zou de visie van de Cat Fancy in de Stichting voor
Gezelschapsdieren kunnen weergeven.
Een versnipperde Cat Fancy komt naar mijn mening de
belangenbehartiging
van de kattenliefhebbers en -fokkers niet ten goede. Een
overkoepelend
orgaan kan een essentiële bijdrage leveren aan het bereiken van
consensus
over verantwoorde regelgeving en daarop gebaseerde maatregelen, die
het
welzijn van de katten waarborgen. Daarnaast zal de kennis en
ervaring
binnen uw vereniging beter benut kunnen worden.
DE DIRECTEUR LANDBOUW,
w.g. T. Kampstra
unquote
Dat was natuurlijk wel even schrikken voor de Nederlandse Cat Fancy
en vastbesloten
riepen zij allen in koor:
“We MOETEN een KOEPEL vormen en dan met het Ministerie van Landbouw
Natuurbeheer en Visserij gaan praten over de TOEKOMST van de Cat
Fancy.”
Dat was dan eigenlijk zo’n beetje het enige waar ALLE verenigingen
het over
EENS waren, maar er waren al twee koepels:
Koepel 1
bestaande uit Felikat en Mundikat ergo de FIFé, niets bijzonders
want dat gaat
al jaren zo.
De Bolle - 4
Koepel 2
bestaande uit NKFV, NLKV, NVvK en TAC , tezamen vormende de FèNK.
De FèNK was echter van mening dat het bestaan van de ONAFHANKELIJKE
verenigingen in de Stichting Gezelschapsdieren nauwelijks naar voren
werd
gebracht door de vertegenwoordiger van de Katten Liefhebbers, Marja
van
Zuilen-Heijt - de Voorzitster van Felikat - en zo besloot het
Bestuur van de Fènk
zich als FéNK te presenteren bij het Ministerie van L.N.V., wat
resulteerde in
twee bijeenkomsten op het Ministerie:
Dinsdag 17 september 1996 werd de FéNK ontvangen op het Ministerie
van
LNV,
Woensdag 18 september kwam de FIFé aan bod.
Naar verluidt:
waren de beide partijen het EENS over een heleboel punten, zegt “X”,
waren de beide partijen het ONEENS over een heleboel punten, zegt
“Y”
U heeft waarschijn een aantal namen van verenigingen gemist in deze
“koepels”,
namelijk de deelnemers aan de ter ziele gegaan zijnde Stichting
World
Cat Federation - Nederland:
- Neocat, NPV, NRKV, Prokat, Venolikat én Hobbykat.
- ECF, NKU en Noordocat (de NKU heeft zich later aangesloten bij de
FéNK)
De eerste zes wilden, vanwege hun WCF verleden niets met de FéNK te
maken
De Bolle - 5
hebben of omgekeerd. De laatste drie wilden niets met de FéNK te
maken
hebben of omgekeerd, maar ook niets met de eerste zes.
Hoe het ook zij, die zes vormden spoorslags ook een KOEPEL met de
“fraaie”
naam:
CGK = Collectief Gezamenlijke Kattenverenigingen
(Collectief = gezamenlijk)
De Voorzitter van deze Gezamenlijk Gezamenlijke Kattenverenigingen
is Mevrouw
Pietje Faber de Voorzitster van de Sociëteit van Kattenliefhebbers
NEOCAT.
Vrijdag 4 oktober 1996 presenteerde zij de CGK, op een bijeenkomst
van alle
Nederlandse Verenigingen.
1996 (24 september) Oprichting van het Collectief Gezamenlijke
Katten verenigingen.
Aan het CGK nemen deel de E.C.F., Hobby Kat, Neocat, N.P.V.,
N.R.K.V., PRO-KAT en Venolikat, allen ex- WCF
Nederland deelnemers die zich die zich (noodgedwongen?) weer hebben
verenigd.
Zo U ziet heeft ook de E.C.F. de zijde van de CGK gekozen.
Zo gebeurde het dat we in plaats van één KOEPEL c.q. overkoepelende
organisatie,
opgescheept zitten met
DRIE KOEPELS en dat is nu net wat het MINISTERIE van LNV NIET wil.
quote
Hierop heeft de FéNK (de Federatie van Nederlandse
Kattenverenigingen
waar vier onafhankelijke verenigingen bij zijn aangesloten) een
voorstel
opgesteld voor de oprichting van een overkoepelende organisatie. Dat
voorstel
is besproken tijdens het Gezamenlijk Kattenoverleg van 4 oktober
1996.
Het Gezamenlijk Kattenoverleg is een vergadering waar elke
kattenvereniging
met twee bestuursleden aanwezig mag zijn en waarin overleg kan
worden gevoerd over onderwerpen die alle verenigingen aangaan. Dit
Kattenoverleg heeft een tijdlang nauwelijks gefunctioneerd, maar is
weer
nieuw leven ingeblazen Het ministerie van LNV bleek ook niet op de
hoogte
te zijn van het bestaan van dit overleg.
Tijdens de bespreking van het voorstel van de FéNK is gebleken dat
als een
koepel moet worden opgericht, de kattenverenigingen voorstander zijn
van
oprichting voor een beperkte tijd, namelijk totdat de nieuwe GWWD
volledig
is ingevoerd (in 1998). [ SIC! ]
Tevens waren de verenigingen van mening dat alle verenigingen op
gelijke
voet met elkaar zouden moeten praten (elke vereniging één stem).
Tenslotte
waren ze van mening dat de koepel alleen zou moeten dienen om een
gezamenlijk
standpunt te kunnen afgeven aan het ministerie van LNV, maar dat
de koepel geen zaken kan opleggen aan de deelnemende verenigingen.
De
aldus geformuleerde randvoorwaarden betekenen volgens het bestuur
van
Mundikat dat een apart op te richten koepel niet noodzakelijk is,
omdat het
Gezamenlijk Kattenoverleg als forum kan dienen om een gezamenlijk
standpunt
te formuleren. Op de, op het moment van schrijven van dit stuk, nog
te
De Bolle - 6
houden vergadering van 6 november 1996 zal het aangepaste voorstel
van
de FéNK worden besproken, evenals het voorstel van Mundikat met
betrekking
tot het gebruik van het Gezamenlijk Kattenoverleg als adviesorgaan
voor het ministerie van LNV. (uit Mundikat Magazine Nov/Dec-1996)
unquote
De geschiedenis heeft ons echter geleerd dat de “het Gezamenlijk
Kattenoverleg”
op een nogal vrijblijvende basis een niet werkbare vorm was, maar
dat
er wel degelijk behoefte bestond aan een Rechtspersoon om met het
Ministerie
te onderhandelen en bovendien is het anno 2000 wel duidelijk
geworden dat de
‘beperkte tijdsduur’ tot 1998 niet haalbaar was.
De ‘kroniekschrijvers’ van de Bestuursmededelingen maken het nu een
beetje
moeilijk om de juiste gegevens op een rijtje te zetten; zij
schrijven over ‘de
vorige vergadering’, de ‘volgende vergadering’ van het Katten
Overleg of het op
te richten Platform enz. enz.
De meest ‘betrouwbare’ bron is tot nu toe de rubriek
Bestuursmededelingen van
Mundikat Magazine.
De vergadering van 6 november schijnt echter wel enig positief
resultaat te
hebben opgeleverd, getuige Marino Koot in Mundikat Magazine Nr. 1
Januari/
Februari 1997:
quote
In januari is het overlegplatform vanuit de Nederlandse
kattenverenigingen
voor overleg met net ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en
Visserij een
feit geworden. Hierdoor is er voor het ministerie een
gesprekspartner ontstaan
hetgeen de communicatie ten goede zal komen. Zodra hier nieuwe
ontwikkelingen zijn zullen we U ervan op de hoogte houden.
Als laatste is vermeldenswaardig dat begin Maart het eerste overleg
heeft
plaatsgevonden met als doel te komen tot een gezamenlijk stamboek.
Unquote
Dat eerste overleg, begin Maart, werd gehouden in Hotel “Biltse
Hoek” in de Bilt.
Het bestuur van het O.P. bestond toen uit:
Mevrouw Mr. Thomas, Voorzitter (Neocat)
Mevrouw Verhoef, Secretaris (Prokat)
De Heer van der Wel, Penningmeester (Prokat)
Mevrouw Lankhaar, Vice Voorzitter (N.K.U.)
‘t Eerste half uur van die bijeenkomst bestond uit een eindeloos
gekrakeel over
de brandende vraag: WIE MAG / MOET deze vergadering VOORZITTEN?
Heeft
FELIKAT of het OVERLEG PLATFORM deze bijeenkomst belegd? Een hele
moeilijke en UITERST belangrijke kwestie. Heel moeilijk want de
Felikat Secretaris
had de vergadering, op neutraal papier, uitgeschreven. Een
vergadering
waarop een Felikat “Gezamenlijk Stamboek Voorstel” besproken zou
worden.
De Bolle -7
Duidelijk werd gesteld dat deze vergadering BESLIST geen O.P.
vergadering
was, want een Centraal Stamboek had - volgens de meerderheid - niets
maar
dan ook niets te maken met de onderhandelingen met het Ministerie.
(SIC!)
Uiteindelijk besloot men dat de Voorzitster van het Overleg
Platform, Mevr. Mr.
Thomas - die wel verstand van Wetten maar niet van de Cat Fancy had
- voor
mocht zitten. Om kwart voor negen, of zo, begon dan de voorzitster
voor te
zitten en wilde met punt 1 van het voorstel beginnen.
Echter, zij sloeg de naamgeving van het voorstel over, terwijl dat
ook belangrijk
was. Na veel vijven en zessen werd: De naam Felis Neerlandica
veranderd in
Centraal Katten Stamboek en er mochten niet alleen zgn. ‘ALL BREED’
verenigingen
maar ook andere verenigingen, zoals bijv. de Nederlandse Perzen
Vereniging
(alleen lang- en halflangharen) aan dit Centraal Stamboek deelnemen.
Dat was het begin van punt 1 van het Felikat voorstel.
Veel verder kwam men ook niet, want het werd tijd om te pauzeren.
Helaas
vergat iemand de ober te waarschuwen dat het pauze was, zodat die
jongen
pas tegen het einde van de pauze op kwam dagen en de drankjes
arriveerden
toen de vergadering weer ging beginnen.
De rest van de vergadering was heel simpel, want iemand kwam op het
heldere
idee dat het zinloos was met dertig man verder te vergaderen over
een Centraal
Stamboek waarvan niemand begreep waartoe het zou
moeten dienen, hoe het zou functioneren en dat niemand echt wilde.
Zoals dat behoort, werd er toen, na veel gekrakeel over twee of drie
man per
koepel, steeds de zelfde of wisselende personen een WERKGROEP
geformeerd,
die wat de FéNK betrof bestond uit de Heren Dr. P.O. Gerrits
(Voorzitter
FéNK) en T. Huisman (Extern Adviseur van de FéNK en Ontwerper van
het
FéNK-plan), al naar gelang het te behandelen onderwerp, aangevuld
met een
bestuurslid of functionaris van één der deelnemende verenigingen. Om
kwart
over tien werd de vergadering gesloten. Kosten? Naar schatting:
Reisdeclaraties,
Zaalhuur, 30 consumpties, porto enz. enz. ergens tussen de 1500 en
2000 gulden. Resultaat?
Per ‘koepel’ wordt een plan gemaakt, dat voor 9 juni 1997 wordt
toegestuurd aan
de Heer Schiering (Felikat) De drie plannen (er zijn drie koepels)
worden dan
eind augustus, door de werkgroep besproken. Als alles dan goed gaat
is die
werkgroep er begin 1998 uit en kunnen de Algemene Leden
Vergaderingen van
Mei-Juni 1998 een voorstel tot oprichting van een Centraal Stamboek
goed
keuren. Het risico is natuurlijk dat een aantal verenigingen er niet
mee akkoord
gaan en de werkgroep weer aan het werk kan gaan. Met een beetje
geluk beginnen
we dan per 1 januari 2000 zoiets als een Centraal Nederlands Katten
Stamboek.
Het - ter vergadering reeds klaar zijnde - plan van de FéNK werd, na
enige
tekstuele correctie, meteen verzonden, de andere twee koepels bleven
in
gebreke en de Werkgroep was ter ziele !
Anno 2000 is er echter nog NIETS ! Helemaal niets, nog erger, deze
vergadering
had nog enige gevolgen:
De Voorzitter kon vanwege “de vele werkzaamheden”, die niet
combineren
waren met haar dagelijks werk, legde haar functie neer en met de
secretaris en
de Penningmeester was ook wat aan de hand (1), die hebben hun
functie óók
De Bolle - 8
neergelegd. Alleen de Vice Voorzitter Yolanda Lankhaar (NKU) was
niet boos en
is aangebleven. Zo verdwenen de door de Gezamenlijk Gezamenlijke
Kattenverenigingen
‘aangedragen’ functionarissen naar de vergetelheid. Uiteraard der
zaak hadden we toen weer een probleem: Waar haal je een Voorzitter,
een
Secretaris en een Penningmeester vandaan?
De N.K.F.V. had gelukkig nog ‘een goeie’, iemand die al jarenlang in
de Cat
Fancy meeloopt, achter de hand. ‘t Was wel even slikken voor sommige
mensen,
dat er nu toch weer een kandidaat van de FéNK-zijde werd
voorgedragen;
maar zonder slag of stoot was men het er unaniem over eens dat Jan
W. Tromp
toch wel de aangewezen persoon was. En zo geschiedde, het bestuur
van het
O.P. ziet er dan a.v. uit:
Voorzitter Jan W. Tromp (N.K.F.V.)
Secretaris Simon Schiering (Felikat)
Penningmeester Yolanda Lankhaar ( N.K.U.)
Het overlegplatform is opgericht met als doel een rechtstreekse
communicatielijn
met het ministerie van LNV te hebben, teneinde zoveel mogelijk
invloed te
kunnen uitoefenen op de inhoud van de nieuwe dierenwetgeving.
De tewaterlating van dit overlegorgaan verloopt niet geheel
vlekkeloos (wie had
overigens anders verwacht?) Meldden wij u in de vorige kattenwereld
dat dhr.
J. Tromp door de vergadering unaniem tot voorzitter was gekozen, nu
moeten
wij u helaas melden dat Jan Tromp, dankzij tegenwerking van een
aantal personen,
die kennelijk hoofd- en bijzaken niet van elkaar kunnen
onderscheiden,
nog voordat hij ook maar een vergadering heeft kunnen leiden, heeft
moeten
besluiten zijn functie alweer neer te leggen. (2)
Aangezien het erg moeilijk blijkt een voorzitter te benoemen die kan
rekenen op
brede steun onder de verenigingen, is nu besloten te gaan werken met
een
roulerend voorzitterschap.
Als eerste is dhr P Gerrits aan de beurt.
Zijn voorzitterschap duurt een hall jaar. Wie daarna aan de beurt
is, is nog niet
bekend.
Overigens is het van het allergrootste belang dat het OP nu
eindelijk eens goed
gaat functioneren want er zijn een aantal zeer belangrijke notities
van LNV te
verwachten. o.a. over fokken en tentoonstellen.
We houden goede moed, maar het gaat zeer moeizaam. (KW 4 / 97)
Een voorzitterschap van een half jaar, zoals bij de Europese Unie,
werkte echter
in de Cat Fancy helemaal niet,
daar kwam men begin 1998 wel achter. De termijn werd dan ook
gewijzigd in
een jaar, ook een te korte periode, maar daar zal het Overleg
Platform mee
moeten leren leven.
De eerste periode van de Heer P.O. Gerrits liep van 1 juli 1997 tot
1 juli 1998.
Ondanks alle moeilijkheden die er al zijn was er echter toch nog een
groepje
mensen die het nodig vonden een nieuwe vereniging op te richten:
1997 Oprichting van een Exotic en Perzen vereniging EXPER. Net zoals
bij
De Bolle -9
andere verenigingen die zich slechts met bepaalde rassen bezig
zouden houden,
NLKV, NPV, NKKV (NRKV) en TAC, bleken ook hier de vrijwillig
opgelegde
beperkingen t.o.v. van bijvoorbeeld tentoonstellingen tot financiële
problemen te
leiden. Sinds 28 oktober 1997 worden dan ook ‘alle rassen’ statutair
erkend.
In de volgende en laatste aflevering: hoe het verder ging met het
O.P.
(1) en (2 ) DE “BIJ-ZAKEN”
(1
Wat was er aan de hand? De Heer Tromp had een brief aan het O.P.
geschreven,
waaruit een paar regeltjes:
Melody van de Haber (blauw)
De Bolle - 10
quote
Sliedrecht, 26 mei 1997
Geachte dames en heren,
Hierbij stuur ik u de notulen van de vergadering van 21 mei 1997
zoals deze
(supersnel!) zijn opgesteld door Mevr. Lidy IJmker
unquote
Een antwoord kwam dezelfde dag nog, uit een brief d.d.. 26 mei 1997
m.b.t.
aanvullingen op de komende O.P. vergadering op 9 juli 1997, waaruit
het volgende:
quote
* waarde oordelen geven aan verslagen c.q. brieven
Dit punt naar aanleiding van uw brief van 26 mei en het OP verslag
van 21
mei
unquote
w.g.
Ton van der Wel
Voorzitter PRO-KAT
Een collectieve verontwaardiging van het Collectief Gezamenlijke
Kattenverenigingen,
het werd min of meer beschouwd als een belediging aan het
adres van de vorige notuliste die het toch ook zo goed had gedaan.
(2
Wat waren de “bijzaken” Als uitgever van het blad Klassieke Siamese
Katten (
5e jaargang nr 27 - juni 1997) had de Heer Tromp een artikel
geplaatst van de
Heer Knubben Winter, genaamd “Het Paard van Troje”. In dat artikel
schreef de
Heer Knubben Winter op niet mis te verstane wijze en beslist niet
vriendelijk
over Mevr. Cathrieneke Brandt die voorzitster was geworden van de
N.R.K.V. en
ook de kleine verenigingen werden nogal op de hak genomen.
De basis van het verhaal was een eerdere publicatie van de Heer
Knubben
Winter:
“HAZEL OF THE TALKING CATS, een frauduleus experiment” uitvoerig
beschreven,
waaruit een fragmentje:
quote
Op 30 juli 1987 werd door Neocat het afstammingsbewijs NCT A876111
afgegeven voor de ongedefinieerde halflanghaar poes: Hazel of the
Talking
Cats. Dat was gelet op haar afstamming volkomen terecht. Later geeft
tot
een ieders verbazing de Nederlandse Perzen Vereniging voor haar het
afstammingsbewijs NPV R8704-0710 af waarop zij als Turkse Angora
wordt
aangeduid, na op 4 oktober 1987 op een show in Purmerend als zodanig
gedetermineerd te zijn. Hazel had als vader Mr. Cremlin’s Corner of
China’s,
een Mandarin en als moeder Chestnut’s Blue Jean, een niet nader
gedefinieerde
langhaar poes. Deze Blue Jean was op haar beurt het resultaat van
een kruising tussen twee Europees Kortharen.
Voilà! Het zal duidelijk zijn dat Hazel godsonmogelijk een Turkse
Angora kan
zijn, daar helpen noch het totale keurmeestersgilde van Nederland
noch alle
kattenverenigingen van Nederland aan!
unquote
Het volledige verhaal is te lezen op: www.petplanet.nl > KATTEN >
Magazine.
Het afstammingsbewijs NPV R8704-0710 werd afgegeven door Mevr. C.W.
Brandt.
En dat had de Heer Tromp als (zojuist unaniem benoemde) Voorzitter
van het
O.P. niet mogen doen van het collectief zich beledigd voelende
Collectie Gezamenlijke
Kattenverenigingen. Een “bloemlezinkje” uit de brieven:
Het Bestuur van de N.R.K.V. :
quote
Indien over dit stuk met inbegrip van de uiterst onfatsoenlijke
uitlatingen
richting Kleine verenigingen, geen schriftelijke excuses verschijnen
in Uw
Nieuwsbrief, wenst het gehele bestuur van de N.R.K.V dit (het
plaatsen van
het gewraakte artikel in Uw blad) als agendapunt op de eerst
volgende
vergadering van het OP behandeld te zien.
Hoogachtend,
Cathrienke Brandt, Voorzitter / Wil Jan de Krom, Secretaris / Gerard
Berendrecht,
Penningmeester
unquote
Van Mevr. Pietje Faber, d.d. 1 juli 1997:
Betreft: agenda punt OP vergadering 9 juli a.s. artikel KSK (zie
bijlage) en functioneren
voorzitter OP
quote
Als abonnee op uw nieuwsbrief KSK (uitgever Dhr. J.W.Tromp) heb ik
met
verbijstering het artikel gelezen “Het Paard van Troje”, waarin Mw.
C. Brandt,
voorzitter NRKV en haar vereniging op een afschuwelijke manier door
het
slijk gehaald wordt.
Dit ten onrechte omdat het voorval bij de NPV 10 jaar geleden geheel
legaal
geschied is en door keurmeesters en een jurist uitgezocht. Het
geschrevene
berust dan ook op pure laster.
unquote
quote
Als voorzitter van Neocat, voorzitter CGK, vertegenwoordiger in de
WG
Katten, adviseur OP en tevens deelnemer aan het OP ben ik zeer
geschokt,
hoe mede-verenigingen en hun bestuurders als incompetent en
splinterclubjes
worden betiteld in dit artikel. Wie is er de volgende keer aan de
beurt?
Dit alles heeft mij er toe gebracht dit artikel en uw functie op de
agenda te
plaatsen van de eerstvolgende OP vergadering. Ik ben nu van mening
dat u
als voorzitter van het OP niet onpartijdig bent t.o.v. de betrokken
verenigingen. Wat wij nodig hebben is een integer- en onpartijdig
persoon die de
zaken van de bij het OP aangesloten verenigingen eerlijk kan
behartigen.
unquote
Tot slot nog een stukje uit het gewraakte artikel “Het Paard van
Troje” Michael
Knubben Winter:
quote
Het enige waar de dwergjes binnen de Cat Fancy goed in zijn is de
samenwerking
stagneren en bemoeilijken. Lekker dwarsliggen en natuurlijk een
welkom thuis bieden aan hen die bij de grote verenigingen niet
langer gewenst
zijn, bijvoorbeeld omdat ze de richt - en gedragslijnen zoals nu
uitgevaardigd
door de NKFV te streng vinden. Dan ga je naar zo’n splinterclubje
waar vaak veel meer, zo niet alles kan en mag. Dat heet dan “we
laten onze
leden zoveel mogelijk vrij”... aan me hoela. Geen enkele positieve
bijdrage
aan het welzijn van katten en de fok van raskatten wordt door deze
clubs
geleverd. Ze zijn doorgaans geboren uit onvrede en zijn daarin
blijven steken.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat het uitgerekend in dit milieu
is
waar je de meest incompetente besturen aantreft en - dat is heel
opmerkelijk
- de coryfeeën worden geregeld onderling uitgewisseld. De ene dag
nog
“prominent” bij de een, de andere dag “schitteren” ze opeens bij de
ander.
Van enige binding of betrokkenheid met de desbetreffende vereniging
is
vaak geen sprake. En de leden... ach die denken niet echt -.. of
zeggen
misschien “geef mijn portie maar aan fikkie” ... want ja als je lid
bent van zo’n
club zegt dat natuurlijk wel iets over jezelf.
unquote
Van TOEN tot NU - 9
De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop., SLOT
1997
Begin 1997 was er door de FéNK al begonnen met een “inventarisatie”
van het aantal nesten per ras over de periode 1992-1996, een
inventarisatie die al met al zo’n negen maanden in beslag heeft
genomen.
Uiteindelijk waren de resultaten begin 1998 bekend, verdeeld over 30
Rassen/Groepen, waren gegevens, over het totaal aantal nesten, plus
nog een lijst van nesten per ras en het gemiddelde aantal kittens,
hier slechts het aantal nesten per jaar:
1992 - 4989 / 1993 - 5119 / 1994 - 5274 / 1995 - 5290 / 1996 - 5313
/ Totaal over 5 jaar 25.985.
Uit een steekproef genomen over deze periode bleek het
Nestgemiddelde te liggen op 3,3 met als laagste gemiddelde de Perzen
met 2,8 en als hoogste de Burmezen met 4,3.
‘t Was maar goed ook dat “wij” (de Nederlandse Cat Fancy) die
gegevens klaar hadden, want eind 1997 begin
1998 kwamen er van allerlei rapporten en onderzoeken op de Cat Fancy
c.q. het Overleg Platform aan “gestormd”.
Het begin van dat alles was de Lijst van de Raad voor Dieren
Aangelegenheden (RDA-Lijst) met erfelijke gebreken / afwijkingen bij
Katten:
1. Dwerggroei
2. Brachycephalie (korte voor-achterwaartse vorm van de schedel)
3. Ogen
4. Huid
5. Pigmentsyndromen
6. Wervelkolom / staart
7. Oren
8. Voortbewegingsapparaat
9. Gedrag
10. Epilepsie
11. Amyloidose
12. Kaakdeformaties (afwijkingen aan de kaak b.v. onder- of
bovenbeet)
13. Cardiomyopathie (afwijkingen aan de hartspier)
14. Leukemie
N.B. In een later stadium van het ‘traject’ werd door het O.P.
bewerkstelligd dat punt 14 Leukemie werd verwijderd, als zijnde een
NIET erfelijk gebrek. PKD (Polycistic Kidney Disease) werd aan de
lijst toegevoegd
1998
De volgende stap in het door L.N.V. uitgestippelde traject was een
peiling naar het voorkomen van de erfelijke gebreken in het
Nederlandse Kattenbestand. Dit onderzoek werd gedaan door B & A
(Beleid en Advies) een extern-bureau, door middel van telefonische-
en schriftelijke enquêtes bij een aantal fokkers, deskundigen uit de
Cat Fancy en een 50-tal dierenartsen.
Het resultaat van dat onderzoek verscheen op 11 juni 1998 in een
lijvig rapport:
“Welzijnsproblemen recreatiedieren door fokken” waarin tabellen
voor: Honden, Katten, Vogels, Konijnen en Knaagdieren, Vissen en
Paarden. Wat de Katten betreft; De Huiskat in Nederland is er
eigenlijk maar heel slecht aan toe, zo’n 12 van de bevraagde
Dierenartsen (48) weet bijvoorbeeld te vertellen dat Haarloosheid
bij de Huiskat zeer veel voorkomt.
Overigens ook bij Raskatten (behalve bij de Sphynx) wordt
Haarloosheid door de Dierenartsen, van tijd tot tijd, ook
geconstateerd. Zo zijn er meerdere resultaten waarbij een vraagteken
geplaatst zou moeten worden. Ergens in het B & A rapport wordt dan
ook nog geconcludeerd dat er meer waarde moet worden gehecht aan het
oordeel van de Dierenartsen dan aan het oordeel van de deskundigen
en de fokkers. Waarschijnlijk is de vraagstelling bij de
Dierenartsen niet helemaal goed overgekomen, maar wisten de Fokkers
en deskundigen wèl waar het over ging..
Naast het RDA- en het B&A-rapport verschenen er in 1998 ook nog een
aantal O.P. Publicaties m.b.t. de GWWD:
Organisatie van de Nederlandse Cat Fancy (1998)
‘Fokken, wat doen wij er zelf aan?’ (juni 1998)
Per 1 juli 1998 was de Voorzitterschaps periode van de Heer Gerrits
(FéNK) voorbij en hij werd opgevolgd door Mevrouw P. van de
Wijngaart (Mundikat). Afgezien van een viertal bijeenkomsten met
lezingen over onderwerpen met betrekking tot de erfelijke gebreken,
die gehouden werden op de Uithof (Faculteit der Diergeneeskunde) te
Utrecht gebeurden er weinig spectaculaire zaken. De lezingen en
discussies op de Uithof waren wel interessant en belangrijk, maar
werden slechts door een beperkt aantal mensen bezocht. Bovendien
werden er van deze bijeenkomsten geen verslagen gemaakt /
gepubliceerd zodat men het rendement van dit ‘project’ in twijfel
moet trekken.
De tijd van de eeuwige onenigheden scheen voorbij! Helaas dat is
maar schone schijn, we hadden nog maar 14 Katten Liefhebbers
Verenigingen, dus werd het de hoogste tijd dat er weer eentje bij
kwam. Het laatste waar de Nederlandse Cat Fancy echter in deze
roerige en drukke tijden op zat te wachten was een nieuwe WCF-club
namelijk LIMBRA CAT CLUB. Citaat van de web-site van Limbra Cat:
“Sinds december 1998 is er een Limburgs- Brabantse katten club die
voor de mensen uit de regio zeker van belang is, met als doel om een
zo breed mogelijke informatie te geven naar kattenfokkers.”
1999
Er kwam weliswaar een club bij, maar in de loop van 1999 werd
VENOLI-KAT bij gebrek aan Bestuurders opgeheven.
Een ‘verheugend’ feit was de presentatie in 1999 van het boek:
“MOOI en GEZOND . . . .”
Standpunten van de Nederlandse Cat Fancy ten aanzien van ongewenste
erfelijke kenmerken bij katten.
Samengesteld onder Redactie van A.M. van Harselaar en dr. P.O.
Gerrits en uitgegeven door de Stichting O.P.
Ook werd er in 1999 een begin gemaakt met het omzetten van het
Voorzitters Overleg van de Onafhankelijke verenigingen in een
Federatie Nederlandse Kattenverenigingen (FNK)
Bovendien vond in 1999 weer de “jaarlijkse” wisseling van het
O.P.-Voorzitterschap plaats, Paula van de Wijngaart legde haar
functie neer (reglementair) per 1 juli 1999, maar WIE van de
onafhankelijke verenigingen (dat is ook een regel: om en om OAH /
FIFé) kon haar opvolger “leveren” ?
De Heer Dr. P.O. Gerrits was genegen om (namens de F.N.K. i.o.) een
jaar Voorzitter van het O.P. te worden van 1 juli 1999 tot 1 juli
2000.
2000
Tijdens de vergadering van het voorzittersoverleg van 7 januari 2000
is een historische beslissinggenomen.
Nadat de laatste, kleine, wijzigingen in conceptstatuten waren
doorgenomen en door de vergadering waren goedgekeurd is de Federatie
Nederlandse Kattenverenigingen op gericht door de volgende
verenigingen (in alfabetische volgorde):
Nederlandse Katten Fokkers Vereniging (NKFV), Nederlandse Langhaar
Katten Vereniging (NLKV), Nederlandse Perzen Vereniging (NPV),
Nederlandse Raskatten Vereniging (NRKV), Nederlandse Vereniging van
Kattenvrienden, NKU/SARA, SAINT pro Cat en de Sociëteit van
kattenliefhebbers NEOCAT. (de Kattenwereld, April 2000)
Ook dit jaar kwam in Juni weer het, onvermijdelijke statutair
geregelde, moment van de Overdracht van het voorzitterschap
De heer P.O. Gerrits was aftredend. Statutair is geregeld dat zijn
opvolger vanuit de FIFè-verenigingen moest komen. De heer R. Jansen
(voorzitter van Felikat) is benoemd tot nieuwe voorzitter van het
O.P.
Omdat in de praktijk blijkt dat de statutair vastgestelde
zittingstermijn van een voorzitter (één jaar) te kort is, zal dit
veranderd worden.
Terugblik periode 1999-2000
Het O.P. kijkt samen met dhr. Gerrits terug op de actiepunten
1999-2000.
Het commentaar op het RDA-rapport:
de suggesties voor algemene maatregelen zijn naar de minister.
1 De suggesties voor specifieke maatregelen zijn klaar maar worden
voorlopig alleen intern gebruikt.
2. LNV heeft uit monde van de heer v. Kerkhof een korte aanzet
gegeven om te komen tot invulling van de Plannen van Aanpak. Het
O.P. heeft dit, goedbedoelde maar niet werkbaar voorstel gelukkig
kunnen corrigeren.
3. Het algemeen veterinair beleid voor de Nederlandse Cat Fancy is
al ver op gang. Waarschijnlijk zal het eerste gedeelte dit jaar
afgerond worden.
4. De OP-seminars voor (fokker)leden zijn afgerond en geëvalueerd.
5. De acties m.b.t. het boek ‘Mooi èn Gezond¼¼’ zijn met succes
uitgevoerd.
6. De persberichten voor de verenigingsbladen verschijnen regelmatig
en snel.
7. De subsidie voor ‘Organisatie van de Nederlandse Cat Fancy’ is
binnen evenals een groot deel van de subsidie voor het uitdragen van
de GWWD. Hierdoor is de financiële positie van het O.P. momenteel
goed te noemen.
(uit het O.P. Persbericht 21 juni 2000)
U heeft in deze serie artikelen “Van Toen tot Nu” al vele malen over
de onenigheden van de “laatste” jaren kunnen lezen en sommigen van U
hebben misschien gedacht dat het “vroeger” alles beter was en er
geen onenigheden waren. Nou vergeet U dat maar, de “onenigheden”zijn
al zo oud als de Cat Fancy zelf, getuige een heel oude (zo rond
1900) onenigheid - vrij verteld - door Mimy Sluiter.
Lady Marcus Beresford kreeg binnen de NCC (anno 1887) onenigheid. Ze
richtte toen de CFA op (Cat Fanciers Association). De meeste leden
waren Amerikanen gek genoeg, dit kwam omdat zij veel contacten daar
had via haar dochter die met een Bostonse meneer getrouwd was. In
Amerika dacht men dat zij "de" Engelse kattenwereld was, en noemde
in New York zelfs een club naar haar, de Beresford Cat Club (1899),
terwijl ze in Engeland enkel ruzie maakte met anderen en veel mensen
haar een beetje zat werden omdat ze altijd de baas wilde spelen.
De NCC heeft toen de stambomen van de CFA ongeldig verklaard en ook
naar de shows mochten mensen niet heen. Dat was in feite de eerste
"onafhankelijke club". Omdat Lady Beresford nogal bazig was en niet
graag delegeerde, liep haar club in de UK leeg terwijl men in
Amerika eigen clubs ging oprichten en zelfstandig verder ging met de
overkoepelende organisatie ACA als paraplu. Uit eindelijk kwam er,
toen de CFA leeggebloed was, de GCCF in de UK als paraplu met als
leden een paar clubs, waaronder de NCC. Omdat de NCC de oudste was
kreeg die een extra gedelegeerde in de jaarvergadering.
NB Ter voorkoming van misverstanden deze ENGELSE CFA van rond 1900
heeft NIETS te maken met de huidige CFA in Amerika.
Dit was dan “De geschiedenis van de Cat Fancy in een Notendop.”
Ik ben me wel bewust dat er links en rechts hiaten in het verhaal
zullen zijn te vinden en er veel commentaar op is te geven. Het was
echter niet mijn bedoeling om een volledig geschiedkundig
verantwoord verhaal te schrijven, dat zou ook nauwelijks mogelijk
zijn geweest “in een Notendop”
met dank aan Jan W. Tromp (KSK), Peter Gerrits, Arie van Harselaar,
Mimy Sluiter, de KattenWereld, Mundikat-Magazine en vele anderen die
mij van informatie hebben voorzien.
Tjerk Huisman